NL: censurerenSynoniemen: kuisen
DE: zensurieren
EN: censor
ES: censurar
FR: censurer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gecensureerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik censureer jij censureert hij censureert wij censureren jullie censureren zij censureren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gecensureerd jij hebt gecensureerd hij heeft gecensureerd wij hebben gecensureerd jullie hebben gecensureerd zij hebben gecensureerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik censureerde jij censureerde hij censureerde wij censureerden jullie censureerden zij censureerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gecensureerd jij had gecensureerd hij had gecensureerd wij hadden gecensureerd jullie hadden gecensureerd zij hadden gecensureerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal censureren jij zult censureren hij zal censureren wij zullen censureren jullie zullen censureren zij zullen censureren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gecensureerd hebben jij zult gecensureerd hebben hij zal gecensureerd hebben wij zullen gecensureerd hebben jullie zullen gecensureerd hebben zij zullen gecensureerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou censureren jij zou censureren hij zou censureren wij zouden censureren jullie zouden censureren zij zouden censureren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gecensureerd hebben jij zou gecensureerd hebben hij zou gecensureerd hebben wij zouden gecensureerd hebben jullie zouden gecensureerd hebben zij zouden gecensureerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
censureer
|