| Vervoegen: cadanceren |
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
| gecadanceerd |
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
| ik cadanceer jij cadanceert hij cadanceert wij cadanceren jullie cadanceren zij cadanceren |
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
| ik heb gecadanceerd jij hebt gecadanceerd hij heeft gecadanceerd wij hebben gecadanceerd jullie hebben gecadanceerd zij hebben gecadanceerd |
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
| ik cadanceerde jij cadanceerde hij cadanceerde wij cadanceerden jullie cadanceerden zij cadanceerden |
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
| ik had gecadanceerd jij had gecadanceerd hij had gecadanceerd wij hadden gecadanceerd jullie hadden gecadanceerd zij hadden gecadanceerd |
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
| ik zal cadanceren jij zult cadanceren hij zal cadanceren wij zullen cadanceren jullie zullen cadanceren zij zullen cadanceren |
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
| ik zal gecadanceerd hebben jij zult gecadanceerd hebben hij zal gecadanceerd hebben wij zullen gecadanceerd hebben jullie zullen gecadanceerd hebben zij zullen gecadanceerd hebben |
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| ik zou cadanceren jij zou cadanceren hij zou cadanceren wij zouden cadanceren jullie zouden cadanceren zij zouden cadanceren |
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| ik zou gecadanceerd hebben jij zou gecadanceerd hebben hij zou gecadanceerd hebben wij zouden gecadanceerd hebben jullie zouden gecadanceerd hebben zij zouden gecadanceerd hebben |
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
| cadanceer |