EN: to buckleNL: gespen
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
buckling
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I buckle you buckle he buckles we buckle you buckle they buckle
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have buckled you have buckled he has buckled we have buckled you have buckled they have buckled
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I buckled you buckled he buckled we buckled you buckled they buckled
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had buckled you had buckled he had buckled we had buckled you had buckled they had buckled
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will buckle you will buckle he will buckle we will buckle you will buckle they will buckle
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have buckled you will have buckled he will have buckled we will have buckled you will have buckled they will have buckled
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would buckle you would buckle he would buckle we would buckle you would buckle they would buckle
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have buckled you would have buckled he would have buckled we would have buckled you would have buckled they would have buckled
|