Werkwoord vervoegen

Typ een werkwoord in één van de talen NL, DE, EN, ES of FR.

Vervoeg

NL: breien

U: Vervoeg zoals `jij`. Men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`.

Voltooid deelwoord
gebreid

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
ik brei
jij breit
hij breit
wij breien
jullie breien
zij breien

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
dat ik brei
dat jij breit
dat hij breit
dat wij breien
dat jullie breien
dat zij breien

Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
ik heb gebreid
jij hebt gebreid
hij heeft gebreid
wij hebben gebreid
jullie hebben gebreid
zij hebben gebreid

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
ik breide
jij breide
hij breide
wij breiden
jullie breiden
zij breiden

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
dat ik breide
dat jij breide
dat hij breide
dat wij breiden
dat jullie breiden
dat zij breiden

Voltooid verleden tijd (vvt)
ik had gebreid
jij had gebreid
hij had gebreid
wij hadden gebreid
jullie hadden gebreid
zij hadden gebreid

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
ik zal breien
jij zult breien
hij zal breien
wij zullen breien
jullie zullen breien
zij zullen breien

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
ik zal gebreid hebben
jij zult gebreid hebben
hij zal gebreid hebben
wij zullen gebreid hebben
jullie zullen gebreid hebben
zij zullen gebreid hebben

Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
ik zou breien
jij zou breien
hij zou breien
wij zouden breien
jullie zouden breien
zij zouden breien

Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
ik zou gebreid hebben
jij zou gebreid hebben
hij zou gebreid hebben
wij zouden gebreid hebben
jullie zouden gebreid hebben
zij zouden gebreid hebben

Gebiedende wijs
brei


Voorbeelden

  1. Het engagement om onze activiteiten hier verder uit te breiden past perfect bij het dynamisme van de luchthaven van Charleroi
  2. Hij breidt zijn assortiment later uit met bloemzaadjes, ansichtkaarten, kerstversieringen en later potloden en pennen
  3. IKEA breidt razendsnel uit in nieuwe markten zoals de Verenigde Staten, Frankrijk en Groot-Brittannië
  4. IKEA breidt uit naar nieuwe markten zoals Japan en Rusland
  5. Voortbouwend op het succes van het Verdrag voor Kolen en Staal, breiden de zes landen hun samenwerking uit tot andere economische sectoren
  6. De handel tussen de zes lidstaten en de handel van de EU met de rest van de wereld breidt zich snel uit
  7. De EU breidt de voordelen momenteel uit tot automatische incasso's
  8. De Lambertmont-Lombardakkoorden breidden de bevoegdheden en de fiscaliteit van de gewesten opnieuw uit
  9. Vilten is een lap maken zonder te breien, te haken, te weven of anderszins
  10. Door de verticale integratie van bedrijfsactiviteiten uit te breiden
  11. Maar met m'n tak en m'n hoogontwikkeld brein ga ik vuur maken.
  12. Dit is de praktijktest. - Dus het heeft een brein?
  13. En wat voor brein.
  14. Modificeert standaard software en software oplossingen; breidt software uit; integreert software.
  15. Computers worden vaak vergeleken met het menselijk brein.

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden


Duitse werkwoorden


Engelse werkwoorden


Franse werkwoorden


Spaanse werkwoorden