EN: to brandSynoniemen: brand name, make, mark, marque, trade name, denounce, deride, heap scorn on, humiliate, pour scorn on, ridicule, tear to pieces,
NL: het brandmerk
DE: das Brandmal
FR: le stigmate
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
branding
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I brand you brand he brands we brand you brand they brand
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have branded you have branded he has branded we have branded you have branded they have branded
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I branded you branded he branded we branded you branded they branded
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had branded you had branded he had branded we had branded you had branded they had branded
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will brand you will brand he will brand we will brand you will brand they will brand
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have branded you will have branded he will have branded we will have branded you will have branded they will have branded
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would brand you would brand he would brand we would brand you would brand they would brand
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have branded you would have branded he would have branded we would have branded you would have branded they would have branded
|