NL: blackmailen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geblackmaild
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik blackmail jij blackmailt hij blackmailt wij blackmailen jullie blackmailen zij blackmailen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geblackmaild jij hebt geblackmaild hij heeft geblackmaild wij hebben geblackmaild jullie hebben geblackmaild zij hebben geblackmaild
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik blackmailde jij blackmailde hij blackmailde wij blackmailden jullie blackmailden zij blackmailden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geblackmaild jij had geblackmaild hij had geblackmaild wij hadden geblackmaild jullie hadden geblackmaild zij hadden geblackmaild
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal blackmailen jij zult blackmailen hij zal blackmailen wij zullen blackmailen jullie zullen blackmailen zij zullen blackmailen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geblackmaild hebben jij zult geblackmaild hebben hij zal geblackmaild hebben wij zullen geblackmaild hebben jullie zullen geblackmaild hebben zij zullen geblackmaild hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou blackmailen jij zou blackmailen hij zou blackmailen wij zouden blackmailen jullie zouden blackmailen zij zouden blackmailen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geblackmaild hebben jij zou geblackmaild hebben hij zou geblackmaild hebben wij zouden geblackmaild hebben jullie zouden geblackmaild hebben zij zouden geblackmaild hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
blackmail
|