NL: bijtankenSynoniemen: bijvullen, bijschenken
DE: bijtanken (bijschenken): auftanken, anfüllen, beifüllen, nachfüllen, nachtanken, nachschütten
EN: bijtanken (bijschenken): fill up
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
bijgetankt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik tank bij jij tankt bij hij tankt bij wij tanken bij jullie tanken bij zij tanken bij
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb bijgetankt jij hebt bijgetankt hij heeft bijgetankt wij hebben bijgetankt jullie hebben bijgetankt zij hebben bijgetankt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik tankte bij jij tankte bij hij tankte bij wij tankten bij jullie tankten bij zij tankten bij
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had bijgetankt jij had bijgetankt hij had bijgetankt wij hadden bijgetankt jullie hadden bijgetankt zij hadden bijgetankt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal bijtanken jij zult bijtanken hij zal bijtanken wij zullen bijtanken jullie zullen bijtanken zij zullen bijtanken
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal bijgetankt hebben jij zult bijgetankt hebben hij zal bijgetankt hebben wij zullen bijgetankt hebben jullie zullen bijgetankt hebben zij zullen bijgetankt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou bijtanken jij zou bijtanken hij zou bijtanken wij zouden bijtanken jullie zouden bijtanken zij zouden bijtanken
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou bijgetankt hebben jij zou bijgetankt hebben hij zou bijgetankt hebben wij zouden bijgetankt hebben jullie zouden bijgetankt hebben zij zouden bijgetankt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
tank bij
|