Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

bezoldigen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: bezoldigen
Synoniemen: honoreren, salariëren, betalen, belonen

DE: bezoldigen (honoreren): bezahlen, honorieren, belohnen, besolden, vergüten, entgelten, auszahlen
EN: bezoldigen (honoreren): remunerate, reward, honour, pay, repay
ES: bezoldigen (honoreren): abonar honorarios, pagar, recompensar, gratificar, compensar, satisfacer los deseos de una persona, admitir, poner algo de su parte, atender, devolver, remunerar, premiar, retribuir, reembolsar
FR: bezoldigen (honoreren): rémunérer, payer, indemniser, récompenser, salarier, rétribuer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
bezoldigd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik bezoldig
jij bezoldigt
hij bezoldigt
wij bezoldigen
jullie bezoldigen
zij bezoldigen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb bezoldigd
jij hebt bezoldigd
hij heeft bezoldigd
wij hebben bezoldigd
jullie hebben bezoldigd
zij hebben bezoldigd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik bezoldigde
jij bezoldigde
hij bezoldigde
wij bezoldigden
jullie bezoldigden
zij bezoldigden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had bezoldigd
jij had bezoldigd
hij had bezoldigd
wij hadden bezoldigd
jullie hadden bezoldigd
zij hadden bezoldigd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal bezoldigen
jij zult bezoldigen
hij zal bezoldigen
wij zullen bezoldigen
jullie zullen bezoldigen
zij zullen bezoldigen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal bezoldigd hebben
jij zult bezoldigd hebben
hij zal bezoldigd hebben
wij zullen bezoldigd hebben
jullie zullen bezoldigd hebben
zij zullen bezoldigd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou bezoldigen
jij zou bezoldigen
hij zou bezoldigen
wij zouden bezoldigen
jullie zouden bezoldigen
zij zouden bezoldigen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou bezoldigd hebben
jij zou bezoldigd hebben
hij zou bezoldigd hebben
wij zouden bezoldigd hebben
jullie zouden bezoldigd hebben
zij zouden bezoldigd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
bezoldig

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/bezoldigen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English