Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

bevolken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: bevolken
DE: bevölkern
EN: populate, people
FR: peupler

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
bevolkt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik bevolk
jij bevolkt
hij bevolkt
wij bevolken
jullie bevolken
zij bevolken
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb bevolkt
jij hebt bevolkt
hij heeft bevolkt
wij hebben bevolkt
jullie hebben bevolkt
zij hebben bevolkt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik bevolkte
jij bevolkte
hij bevolkte
wij bevolkten
jullie bevolkten
zij bevolkten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had bevolkt
jij had bevolkt
hij had bevolkt
wij hadden bevolkt
jullie hadden bevolkt
zij hadden bevolkt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal bevolken
jij zult bevolken
hij zal bevolken
wij zullen bevolken
jullie zullen bevolken
zij zullen bevolken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal bevolkt hebben
jij zult bevolkt hebben
hij zal bevolkt hebben
wij zullen bevolkt hebben
jullie zullen bevolkt hebben
zij zullen bevolkt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou bevolken
jij zou bevolken
hij zou bevolken
wij zouden bevolken
jullie zouden bevolken
zij zouden bevolken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou bevolkt hebben
jij zou bevolkt hebben
hij zou bevolkt hebben
wij zouden bevolkt hebben
jullie zouden bevolkt hebben
zij zouden bevolkt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
bevolk

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/bevolken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English