EN: to betroth| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
betrothing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I betroth you betroth he betroths we betroth you betroth they betroth
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have betrothed you have betrothed he has betrothed we have betrothed you have betrothed they have betrothed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I betrothed you betrothed he betrothed we betrothed you betrothed they betrothed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had betrothed you had betrothed he had betrothed we had betrothed you had betrothed they had betrothed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will betroth you will betroth he will betroth we will betroth you will betroth they will betroth
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have betrothed you will have betrothed he will have betrothed we will have betrothed you will have betrothed they will have betrothed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would betroth you would betroth he would betroth we would betroth you would betroth they would betroth
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have betrothed you would have betrothed he would have betrothed we would have betrothed you would have betrothed they would have betrothed
|