NL: betoverenSynoniemen: beheksen, fascineren, verbannen, vasthouden, uitbannen, boeien, bezweren, bannen
DE: betoveren (beheksen): verzaubern, verführen, bezaubern, anmuten, entzücken, betören, bestricken, behexen
EN: betoveren (beheksen): ravish, bewitch, cast a spell on, put a spell on
ES: betoveren (beheksen): embrujar, encantar, hechizar, fascinar, cautivado
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
betoverd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik betover jij betovert hij betovert wij betoveren jullie betoveren zij betoveren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb betoverd jij hebt betoverd hij heeft betoverd wij hebben betoverd jullie hebben betoverd zij hebben betoverd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik betoverde jij betoverde hij betoverde wij betoverden jullie betoverden zij betoverden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had betoverd jij had betoverd hij had betoverd wij hadden betoverd jullie hadden betoverd zij hadden betoverd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal betoveren jij zult betoveren hij zal betoveren wij zullen betoveren jullie zullen betoveren zij zullen betoveren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal betoverd hebben jij zult betoverd hebben hij zal betoverd hebben wij zullen betoverd hebben jullie zullen betoverd hebben zij zullen betoverd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou betoveren jij zou betoveren hij zou betoveren wij zouden betoveren jullie zouden betoveren zij zouden betoveren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou betoverd hebben jij zou betoverd hebben hij zou betoverd hebben wij zouden betoverd hebben jullie zouden betoverd hebben zij zouden betoverd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
betover
|