NL: bestratenSynoniemen: asfalteren, plaveien
DE: pflastern, bepflastern
EN: pave, surface
ES: adoquinar, pavimentar
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
bestraat
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik bestraat jij bestraat hij bestraat wij bestraten jullie bestraten zij bestraten
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb bestraat jij hebt bestraat hij heeft bestraat wij hebben bestraat jullie hebben bestraat zij hebben bestraat
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik bestraatte jij bestraatte hij bestraatte wij bestraatten jullie bestraatten zij bestraatten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had bestraat jij had bestraat hij had bestraat wij hadden bestraat jullie hadden bestraat zij hadden bestraat
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal bestraten jij zult bestraten hij zal bestraten wij zullen bestraten jullie zullen bestraten zij zullen bestraten
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal bestraat hebben jij zult bestraat hebben hij zal bestraat hebben wij zullen bestraat hebben jullie zullen bestraat hebben zij zullen bestraat hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou bestraten jij zou bestraten hij zou bestraten wij zouden bestraten jullie zouden bestraten zij zouden bestraten
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou bestraat hebben jij zou bestraat hebben hij zou bestraat hebben wij zouden bestraat hebben jullie zouden bestraat hebben zij zouden bestraat hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
bestraat
|