NL: bestokenSynoniemen: aangrijpen, aanvallen, beschieten, bestormen, bombarderen, kanonneren
EN: bestoken (beschieten): fire upon
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
bestookt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik bestook jij bestookt hij bestookt wij bestoken jullie bestoken zij bestoken
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb bestookt jij hebt bestookt hij heeft bestookt wij hebben bestookt jullie hebben bestookt zij hebben bestookt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik bestookte jij bestookte hij bestookte wij bestookten jullie bestookten zij bestookten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had bestookt jij had bestookt hij had bestookt wij hadden bestookt jullie hadden bestookt zij hadden bestookt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal bestoken jij zult bestoken hij zal bestoken wij zullen bestoken jullie zullen bestoken zij zullen bestoken
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal bestookt hebben jij zult bestookt hebben hij zal bestookt hebben wij zullen bestookt hebben jullie zullen bestookt hebben zij zullen bestookt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou bestoken jij zou bestoken hij zou bestoken wij zouden bestoken jullie zouden bestoken zij zouden bestoken
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou bestookt hebben jij zou bestookt hebben hij zou bestookt hebben wij zouden bestookt hebben jullie zouden bestookt hebben zij zouden bestookt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
bestook
|