Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

beknotten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: beknotten
Synoniemen: beperken, inperken

DE: beschränken, limitieren, begrenzen, einschränken, abgrenzen, eindämmen, absperren, beschneiden, umzäunen, einsäumen, abzäunen
EN: confine, limit, reduce, cut back
ES: limitar, vallar, reducir, cercenar, cerrar, colocar, encerrar, acorralar, depositar, recortar, estafar, derrocar, cercar, acotar, destituir
FR: limiter, restreindre, borner, délimiter, entourer, clôturer, tailler

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
beknot
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik beknot
jij beknot
hij beknot
wij beknotten
jullie beknotten
zij beknotten
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb beknot
jij hebt beknot
hij heeft beknot
wij hebben beknot
jullie hebben beknot
zij hebben beknot
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik beknotte
jij beknotte
hij beknotte
wij beknotten
jullie beknotten
zij beknotten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had beknot
jij had beknot
hij had beknot
wij hadden beknot
jullie hadden beknot
zij hadden beknot
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal beknotten
jij zult beknotten
hij zal beknotten
wij zullen beknotten
jullie zullen beknotten
zij zullen beknotten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal beknot hebben
jij zult beknot hebben
hij zal beknot hebben
wij zullen beknot hebben
jullie zullen beknot hebben
zij zullen beknot hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou beknotten
jij zou beknotten
hij zou beknotten
wij zouden beknotten
jullie zouden beknotten
zij zouden beknotten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou beknot hebben
jij zou beknot hebben
hij zou beknot hebben
wij zouden beknot hebben
jullie zouden beknot hebben
zij zouden beknot hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
beknot

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/beknotten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English