Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

balanceren vervoegen




NL: balanceren
Synoniemen: twijfelen, uitbalanceren, wankelen

DE: balancieren, ausbalancieren
EN: balance
ES: balancear
FR: balancer, équilibrer, mettre en équilibre, doser

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gebalanceerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik balanceer
jij balanceert
hij balanceert
wij balanceren
jullie balanceren
zij balanceren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gebalanceerd
jij hebt gebalanceerd
hij heeft gebalanceerd
wij hebben gebalanceerd
jullie hebben gebalanceerd
zij hebben gebalanceerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik balanceerde
jij balanceerde
hij balanceerde
wij balanceerden
jullie balanceerden
zij balanceerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gebalanceerd
jij had gebalanceerd
hij had gebalanceerd
wij hadden gebalanceerd
jullie hadden gebalanceerd
zij hadden gebalanceerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal balanceren
jij zult balanceren
hij zal balanceren
wij zullen balanceren
jullie zullen balanceren
zij zullen balanceren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gebalanceerd hebben
jij zult gebalanceerd hebben
hij zal gebalanceerd hebben
wij zullen gebalanceerd hebben
jullie zullen gebalanceerd hebben
zij zullen gebalanceerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou balanceren
jij zou balanceren
hij zou balanceren
wij zouden balanceren
jullie zouden balanceren
zij zouden balanceren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gebalanceerd hebben
jij zou gebalanceerd hebben
hij zou gebalanceerd hebben
wij zouden gebalanceerd hebben
jullie zouden gebalanceerd hebben
zij zouden gebalanceerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
balanceer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/balanceren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald