EN: to badgeSynoniemen: decoration, prize, decoration, prize
NL: het insigne
DE: der Abzeichen
ES: la insignia, el plumazo
FR: le insigne
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
badging
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I badge you badge he badges we badge you badge they badge
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have badged you have badged he has badged we have badged you have badged they have badged
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I badged you badged he badged we badged you badged they badged
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had badged you had badged he had badged we had badged you had badged they had badged
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will badge you will badge he will badge we will badge you will badge they will badge
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have badged you will have badged he will have badged we will have badged you will have badged they will have badged
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would badge you would badge he would badge we would badge you would badge they would badge
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have badged you would have badged he would have badged we would have badged you would have badged they would have badged
|