NL: atomiseren U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geatomiseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik atomiseer jij atomiseert hij atomiseert wij atomiseren jullie atomiseren zij atomiseren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geatomiseerd jij hebt geatomiseerd hij heeft geatomiseerd wij hebben geatomiseerd jullie hebben geatomiseerd zij hebben geatomiseerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik atomiseerde jij atomiseerde hij atomiseerde wij atomiseerden jullie atomiseerden zij atomiseerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geatomiseerd jij had geatomiseerd hij had geatomiseerd wij hadden geatomiseerd jullie hadden geatomiseerd zij hadden geatomiseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal atomiseren jij zult atomiseren hij zal atomiseren wij zullen atomiseren jullie zullen atomiseren zij zullen atomiseren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geatomiseerd hebben jij zult geatomiseerd hebben hij zal geatomiseerd hebben wij zullen geatomiseerd hebben jullie zullen geatomiseerd hebben zij zullen geatomiseerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou atomiseren jij zou atomiseren hij zou atomiseren wij zouden atomiseren jullie zouden atomiseren zij zouden atomiseren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geatomiseerd hebben jij zou geatomiseerd hebben hij zou geatomiseerd hebben wij zouden geatomiseerd hebben jullie zouden geatomiseerd hebben zij zouden geatomiseerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
atomiseer
|