Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

assimileren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: assimileren
Synoniemen: aanpassen

DE: angleichen, gleichstellen, assimilieren
EN: adapt, assimilate
ES: asimilar
FR: assimiler, égaliser, niveler

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geassimileerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik assimileer
jij assimileert
hij assimileert
wij assimileren
jullie assimileren
zij assimileren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geassimileerd
jij hebt geassimileerd
hij heeft geassimileerd
wij hebben geassimileerd
jullie hebben geassimileerd
zij hebben geassimileerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik assimileerde
jij assimileerde
hij assimileerde
wij assimileerden
jullie assimileerden
zij assimileerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geassimileerd
jij had geassimileerd
hij had geassimileerd
wij hadden geassimileerd
jullie hadden geassimileerd
zij hadden geassimileerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal assimileren
jij zult assimileren
hij zal assimileren
wij zullen assimileren
jullie zullen assimileren
zij zullen assimileren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geassimileerd hebben
jij zult geassimileerd hebben
hij zal geassimileerd hebben
wij zullen geassimileerd hebben
jullie zullen geassimileerd hebben
zij zullen geassimileerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou assimileren
jij zou assimileren
hij zou assimileren
wij zouden assimileren
jullie zouden assimileren
zij zouden assimileren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geassimileerd hebben
jij zou geassimileerd hebben
hij zou geassimileerd hebben
wij zouden geassimileerd hebben
jullie zouden geassimileerd hebben
zij zouden geassimileerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
assimileer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/assimileren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English