EN: to ascribeNL: toeschrijven
DE: zuschreiben, zurechnen
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
ascribing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I ascribe you ascribe he ascribes we ascribe you ascribe they ascribe
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have ascribed you have ascribed he has ascribed we have ascribed you have ascribed they have ascribed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I ascribed you ascribed he ascribed we ascribed you ascribed they ascribed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had ascribed you had ascribed he had ascribed we had ascribed you had ascribed they had ascribed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will ascribe you will ascribe he will ascribe we will ascribe you will ascribe they will ascribe
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have ascribed you will have ascribed he will have ascribed we will have ascribed you will have ascribed they will have ascribed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would ascribe you would ascribe he would ascribe we would ascribe you would ascribe they would ascribe
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have ascribed you would have ascribed he would have ascribed we would have ascribed you would have ascribed they would have ascribed
|