NL: applaudisserenSynoniemen: klappen
DE: applaudieren, klatschen
EN: applaud, clap
ES: batir palmas, aplaudir, palmotear
FR: applaudir, acclamer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geapplaudisseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik applaudisseer jij applaudisseert hij applaudisseert wij applaudisseren jullie applaudisseren zij applaudisseren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geapplaudisseerd jij hebt geapplaudisseerd hij heeft geapplaudisseerd wij hebben geapplaudisseerd jullie hebben geapplaudisseerd zij hebben geapplaudisseerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik applaudisseerde jij applaudisseerde hij applaudisseerde wij applaudisseerden jullie applaudisseerden zij applaudisseerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geapplaudisseerd jij had geapplaudisseerd hij had geapplaudisseerd wij hadden geapplaudisseerd jullie hadden geapplaudisseerd zij hadden geapplaudisseerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal applaudisseren jij zult applaudisseren hij zal applaudisseren wij zullen applaudisseren jullie zullen applaudisseren zij zullen applaudisseren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geapplaudisseerd hebben jij zult geapplaudisseerd hebben hij zal geapplaudisseerd hebben wij zullen geapplaudisseerd hebben jullie zullen geapplaudisseerd hebben zij zullen geapplaudisseerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou applaudisseren jij zou applaudisseren hij zou applaudisseren wij zouden applaudisseren jullie zouden applaudisseren zij zouden applaudisseren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geapplaudisseerd hebben jij zou geapplaudisseerd hebben hij zou geapplaudisseerd hebben wij zouden geapplaudisseerd hebben jullie zouden geapplaudisseerd hebben zij zouden geapplaudisseerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
applaudisseer
|