Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

afromen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: afromen
Synoniemen: afspanen, afschuimen

DE: abrahmen, abrunden, abschäumen
EN: skim, cream
FR: écumer, écrémer, écumer avec une spatule

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
afgeroomd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik room af
jij roomt af
hij roomt af
wij romen af
jullie romen af
zij romen af
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb afgeroomd
jij hebt afgeroomd
hij heeft afgeroomd
wij hebben afgeroomd
jullie hebben afgeroomd
zij hebben afgeroomd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik roomde af
jij roomde af
hij roomde af
wij roomden af
jullie roomden af
zij roomden af
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had afgeroomd
jij had afgeroomd
hij had afgeroomd
wij hadden afgeroomd
jullie hadden afgeroomd
zij hadden afgeroomd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal afromen
jij zult afromen
hij zal afromen
wij zullen afromen
jullie zullen afromen
zij zullen afromen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal afgeroomd hebben
jij zult afgeroomd hebben
hij zal afgeroomd hebben
wij zullen afgeroomd hebben
jullie zullen afgeroomd hebben
zij zullen afgeroomd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou afromen
jij zou afromen
hij zou afromen
wij zouden afromen
jullie zouden afromen
zij zouden afromen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou afgeroomd hebben
jij zou afgeroomd hebben
hij zou afgeroomd hebben
wij zouden afgeroomd hebben
jullie zouden afgeroomd hebben
zij zouden afgeroomd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
room af

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/afromen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English