Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

afpijnigen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: afpijnigen
Synoniemen: martelen

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
afgepijnigd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik pijnig af
jij pijnigt af
hij pijnigt af
wij pijnigen af
jullie pijnigen af
zij pijnigen af
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb afgepijnigd
jij hebt afgepijnigd
hij heeft afgepijnigd
wij hebben afgepijnigd
jullie hebben afgepijnigd
zij hebben afgepijnigd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik pijnigde af
jij pijnigde af
hij pijnigde af
wij pijnigden af
jullie pijnigden af
zij pijnigden af
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had afgepijnigd
jij had afgepijnigd
hij had afgepijnigd
wij hadden afgepijnigd
jullie hadden afgepijnigd
zij hadden afgepijnigd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal afpijnigen
jij zult afpijnigen
hij zal afpijnigen
wij zullen afpijnigen
jullie zullen afpijnigen
zij zullen afpijnigen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal afgepijnigd hebben
jij zult afgepijnigd hebben
hij zal afgepijnigd hebben
wij zullen afgepijnigd hebben
jullie zullen afgepijnigd hebben
zij zullen afgepijnigd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou afpijnigen
jij zou afpijnigen
hij zou afpijnigen
wij zouden afpijnigen
jullie zouden afpijnigen
zij zouden afpijnigen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou afgepijnigd hebben
jij zou afgepijnigd hebben
hij zou afgepijnigd hebben
wij zouden afgepijnigd hebben
jullie zouden afgepijnigd hebben
zij zouden afgepijnigd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
pijnig af

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/afpijnigen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English