Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

afnemen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: afnemen
Synoniemen: achteruitgaan, afdoen, afhalen, afhandig maken, afruimen, afstoffen, aftappen, kopen, ophalen, stelen, verminderen, verwijderen, overnemen, inkopen, aanschaffen, aankopen, afwissen, stoffen, minworden, declineren, vervallen, teruggaan, tanen, minderen, da

DE: afnemen (achteruitgaan): vermindern, sinken, verringern, reduzieren, schrumpfen, setzen, fallen, schwächen, kürzen, sparen
EN: afnemen (achteruitgaan): decline, waining, regress
ES: afnemen (achteruitgaan): disminuir, regresar, rebajar, remover, bajar, llevarse, vencer, ahorrar, robar, desaparecer, reducir, descender, recortar, menguar, decaer
FR: afnemen (achteruitgaan): réduire, décliner, se restreindre, baisser, diminuer, régresser, décroître, amoindrir

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
afgenomen
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik neem af
jij neemt af
hij neemt af
wij nemen af
jullie nemen af
zij nemen af
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb afgenomen
jij hebt afgenomen
hij heeft afgenomen
wij hebben afgenomen
jullie hebben afgenomen
zij hebben afgenomen
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik nam af
jij nam af
hij nam af
wij namen af
jullie namen af
zij namen af
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had afgenomen
jij had afgenomen
hij had afgenomen
wij hadden afgenomen
jullie hadden afgenomen
zij hadden afgenomen
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal afnemen
jij zult afnemen
hij zal afnemen
wij zullen afnemen
jullie zullen afnemen
zij zullen afnemen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal afgenomen hebben
jij zult afgenomen hebben
hij zal afgenomen hebben
wij zullen afgenomen hebben
jullie zullen afgenomen hebben
zij zullen afgenomen hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou afnemen
jij zou afnemen
hij zou afnemen
wij zouden afnemen
jullie zouden afnemen
zij zouden afnemen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou afgenomen hebben
jij zou afgenomen hebben
hij zou afgenomen hebben
wij zouden afgenomen hebben
jullie zouden afgenomen hebben
zij zouden afgenomen hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
neem af

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/afnemen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English