Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

afdoen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: afdoen
Synoniemen: afbinden, afhandelen, betalen, verschuiven, verdagen, uittrekken, uitstellen, uitkrijgen, uitdoen, afzetten, afleggen, aanhouden, wegdoen, slachten, afmaken, beslechten, regelen, klaren

DE: afdoen (in orde maken): klären, in Ordnung bringen
EN: afdoen (in orde maken): fix, finish, have finished, have ended
ES: afdoen (in orde maken): arreglar, terminar, solucionar, finalizar, tener listo, tener acabado
FR: afdoen (in orde maken): régler, achever, terminer, finir

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
afgedaan
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik doe af
jij doet af
hij doet af
wij doen af
jullie doen af
zij doen af
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb afgedaan
jij hebt afgedaan
hij heeft afgedaan
wij hebben afgedaan
jullie hebben afgedaan
zij hebben afgedaan
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik deed af
jij deed af
hij deed af
wij deden af
jullie deden af
zij deden af
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had afgedaan
jij had afgedaan
hij had afgedaan
wij hadden afgedaan
jullie hadden afgedaan
zij hadden afgedaan
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij zal afdoen
wij zullen afdoen
jullie zullen afdoen
zij zullen afdoen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal afgedaan hebben
jij zult afgedaan hebben
hij zal afgedaan hebben
wij zullen afgedaan hebben
jullie zullen afgedaan hebben
zij zullen afgedaan hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou afdoen
jij zou afdoen
hij zou afdoen
wij zouden afdoen
jullie zouden afdoen
zij zouden afdoen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou afgedaan hebben
jij zou afgedaan hebben
hij zou afgedaan hebben
wij zouden afgedaan hebben
jullie zouden afgedaan hebben
zij zouden afgedaan hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
doe af

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/afdoen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English