Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

aansteken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: aansteken
Synoniemen: aandoen, aanmaken, bederven, besmetten, besmetting, aanstrijken, ontsteken, opsteken

DE: aansteken (besmetten): infizieren, anstecken, verseuchen
EN: aansteken (besmetten): contaminate, infect, poison
ES: aansteken (besmetten): contaminar, infectar, contagiar
FR: aansteken (besmetten): contaminer, infecter, souiller, transmettre, communiquer, intoxiquer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
aangestoken
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik steek aan
jij steekt aan
hij steekt aan
wij steken aan
jullie steken aan
zij steken aan
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb aangestoken
jij hebt aangestoken
hij heeft aangestoken
wij hebben aangestoken
jullie hebben aangestoken
zij hebben aangestoken
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik stak aan
jij stak aan
hij stak aan
wij staken aan
jullie staken aan
zij staken aan
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had aangestoken
jij had aangestoken
hij had aangestoken
wij hadden aangestoken
jullie hadden aangestoken
zij hadden aangestoken
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal aansteken
jij zult aansteken
hij zal aansteken
wij zullen aansteken
jullie zullen aansteken
zij zullen aansteken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal aangestoken hebben
jij zult aangestoken hebben
hij zal aangestoken hebben
wij zullen aangestoken hebben
jullie zullen aangestoken hebben
zij zullen aangestoken hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou aansteken
jij zou aansteken
hij zou aansteken
wij zouden aansteken
jullie zouden aansteken
zij zouden aansteken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou aangestoken hebben
jij zou aangestoken hebben
hij zou aangestoken hebben
wij zouden aangestoken hebben
jullie zouden aangestoken hebben
zij zouden aangestoken hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
steek aan

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/aansteken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English