Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

aanbraden vervoegen




NL: aanbraden

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
aangebraden
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik braad aan
jij braadt aan
hij braadt aan
wij braden aan
jullie braden aan
zij braden aan
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb aangebraden
jij hebt aangebraden
hij heeft aangebraden
wij hebben aangebraden
jullie hebben aangebraden
zij hebben aangebraden
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik braadde aan
jij braadde aan
hij braadde aan
wij braadden aan
jullie braadden aan
zij braadden aan
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had aangebraden
jij had aangebraden
hij had aangebraden
wij hadden aangebraden
jullie hadden aangebraden
zij hadden aangebraden
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal aanbraden
jij zult aanbraden
hij zal aanbraden
wij zullen aanbraden
jullie zullen aanbraden
zij zullen aanbraden
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal aangebraden hebben
jij zult aangebraden hebben
hij zal aangebraden hebben
wij zullen aangebraden hebben
jullie zullen aangebraden hebben
zij zullen aangebraden hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou aanbraden
jij zou aanbraden
hij zou aanbraden
wij zouden aanbraden
jullie zouden aanbraden
zij zouden aanbraden
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou aangebraden hebben
jij zou aangebraden hebben
hij zou aangebraden hebben
wij zouden aangebraden hebben
jullie zouden aangebraden hebben
zij zouden aangebraden hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
braad aan

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/aanbraden

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald