Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

aanbouwen vervoegen




NL: aanbouwen
Synoniemen: uitbouwen, bijbouwen

ES: aanbouwen (bijbouwen): construir, construir pegado a

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
aangebouwd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik bouw aan
jij bouwt aan
hij bouwt aan
wij bouwen aan
jullie bouwen aan
zij bouwen aan
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb aangebouwd
jij hebt aangebouwd
hij heeft aangebouwd
wij hebben aangebouwd
jullie hebben aangebouwd
zij hebben aangebouwd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik bouwde aan
jij bouwde aan
hij bouwde aan
wij bouwden aan
jullie bouwden aan
zij bouwden aan
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had aangebouwd
jij had aangebouwd
hij had aangebouwd
wij hadden aangebouwd
jullie hadden aangebouwd
zij hadden aangebouwd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal aanbouwen
jij zult aanbouwen
hij zal aanbouwen
wij zullen aanbouwen
jullie zullen aanbouwen
zij zullen aanbouwen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal aangebouwd hebben
jij zult aangebouwd hebben
hij zal aangebouwd hebben
wij zullen aangebouwd hebben
jullie zullen aangebouwd hebben
zij zullen aangebouwd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou aanbouwen
jij zou aanbouwen
hij zou aanbouwen
wij zouden aanbouwen
jullie zouden aanbouwen
zij zouden aanbouwen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou aangebouwd hebben
jij zou aangebouwd hebben
hij zou aangebouwd hebben
wij zouden aangebouwd hebben
jullie zouden aangebouwd hebben
zij zouden aangebouwd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
bouw aan

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/aanbouwen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald