Vertaal

Vertalingen jaloers NL>EN

jaloers

bijv.naamw.
Uitspraak:  [jaˈlurs]

1) als je het vervelend vindt dat jij iets niet hebt dat een ander wel heeft - envious, cavetous
als je geen partner hebt jaloers zijn op mensen die gelukkig getrouwd zijn - being single, to be jealous of all the happily married people

2) als je steeds bang bent je partner te verliezen aan een ander - jealous, possessive
Hij is zo jaloers dat hij me geen moment alleen laat. - He is so possessive, he doesn't let me alone for a single moment.

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
jaloers (bijv.naamw.) jealous (bijv.naamw.) ; envious (bijv.naamw.)
jaloers jealously

Bron: interglot
Synoniemen
NL: afgunstig
NL: nijdig
NL: scheef