Vertaal

Vertalingen huisarts NL>EN

de huisarts

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈhœysɑrts]
Verbuigingen:  -en (meerv.)

je vaste dokter - GP, family doctor
de huisarts laten komen als je erg ziek bent - let the doctor come if you get really sick

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
de huisarts (m) the GP. ; the general practitioner ; the family doctor
de huisartsthe family physician ; the general practicioner ; the PMD ; the primary care doctor

Bronnen: interglot Tecdic.com
Synoniemen
NL: huisdokter