Vertaal
Vertalingen accomplish EN>NL
to complete (something) successfully: “Have you accomplished your task?”
volbrengen

ac'complished (Bijvoeglijk naamwoord)

skilled: “an accomplished singer.”
bekwaam

ac'complishment (Zelfstandig naamwoord)

1 completion.
voltooiing

2 a special skill: “She has many different accomplishments.”
bekwaamheid
© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
to accomplish uitvoeren (ww.) ; doen (ww.) ; handelen (ww.) ; verrichten (ww.) ; uitrichten (ww.) ; afronden (ww.) ; beëindigen (ww.) ; afwerken (ww.) ; afmaken (ww.) ; klaarmaken (ww.) ; voltooien (ww.) ; volbrengen (ww.) ; completeren (ww.) ; volmaken (ww.) ; afkrijgen (ww.) ; een einde maken aan (ww.) ; klaarkrijgen (ww.) ; vervullen (ww.) ; functie bekleden (ww.) ; totstandbrengen (ww.) ; bewerkstelligen (ww.) ; voor elkaar krijgen (ww.) ; bedingen (ww.) ; lappen (ww.) ; klaarspelen (ww.) ; fixen (ww.) ; volvoeren (ww.) ; bereiken (ww.)
accomplish behalen ; inhalen ; reiken tot ; treffen ; doorvoeren ; tot stand brengen ; verwezenlijken ; geheel maken ; klaren ; nakomen ; naleven ; voltrekken

Bronnen: interglot Wakefield genealogy pages
Synoniemen
EN: action
EN: bring about
EN: carry out
EN: carry through
EN: complete
EN: effect
EN: effectuate
EN: execute
EN: finish
EN: fulfil








Staat je antwoord er niet bij of heb je een vraag waarbij het vertaalwoordenboek geen hulp kan bieden? Vraag het dan op `Vertaalhulp`