Vertaal
Naar andere talen: • vastmaken > DEvastmaken > ENvastmaken > ES
Definities op Encyclo.nl: vastmaken (5x)
Vertalingen vastmaken NL>FR

vastmaken

werkw.
Uitspraak:  [ˈvɑstmakə(n)]
Verbuigingen:  maakte vast (verl.tijd ) heeft vastgemaakt (volt.deelw.)

zorgen dat iets vast zit - attacher , fixer
de kabel vastmaken aan de paal - attacher le câble au poteau

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
vastmaken (ww.) installer (ww.) ; poser (ww.) ; amarrer (ww.) ; fixer (ww.) ; garrotter (ww.) ; coller (ww.) ; renforcer (ww.) ; aborder (ww.) ; lier (ww.) ; relier (ww.) ; accoster (ww.) ; ligoter (ww.) ; prendre d'assaut (ww.) ; agrafer (ww.) ; appendre (ww.) ; suspendre (ww.) ; ficeler (ww.) ; ajouter (ww.) ; nouer (ww.) ; attacher (ww.) ; timbrer (ww.) ; parapher (ww.) ; marquer (ww.) ; s'achever (ww.) ; mettre (ww.)
vastmaken caler
Bronnen: interglot; Wikipedia; cibg.be


Voorbeeldzinnen met `vastmaken`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
NL: bevestigen
NL: knevelen
NL: vastbinden
NL: vastleggen
NL: vastmeren
NL: vastzetten
NL: verbinden
NL: verzekeren
NL: bevestiging
NL: meren



Staat je antwoord er niet bij of heb je een vraag waarbij het vertaalwoordenboek geen hulp kan bieden? Vraag het dan op `Vertaalhulp`
Download de Android App
Download de IOS App