Vertaal
Vertalingen makkelijk NL>FR

makkelijk

bijv.naamw.
Uitspraak:  ['mɑkələk]

wat weinig moeite kost om te doen - facile
Het examen was heel makkelijk en iedereen slaagde. - L'examen était très facile et tous ont réussi.
uitdrukking jij hebt makkelijk praten

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
makkelijk (bijv.naamw.) d'enfant (bijv.naamw.) ; pas difficile (bijv.naamw.) ; ordinaire (bijv.naamw.) ; pratique (bijv.naamw.) ; sobre (bijv.naamw.) ; terne (bijv.naamw.) ; aise (bijv.naamw.) ; obtus (bijv.naamw.) ; facilement (bijv.naamw.) ; seul (bijv.naamw.) ; agile (bijv.naamw.) ; naturel (bijv.naamw.) ; borne (bijv.naamw.) ; sans effort (bijv.naamw.) ; sans esprit (bijv.naamw.) ; confortable (bijv.naamw.) ; simple (bijv.naamw.) ; simple d'esprit (bijv.naamw.) ; confortablement (bijv.naamw.) ; adroit (bijv.naamw.) ; niais (bijv.naamw.) ; simplement (bijv.naamw.) ; facile (bijv.naamw.) ; commode (bijv.naamw.) ; sans peine (bijv.naamw.)
makkelijk aisément ; suffisant

Bronnen: interglot Omegawiki.org ICT-Woordenboek Wikipedia
Synoniemen
NL: flexibel
NL: handig
NL: praktisch
NL: allicht
NL: comfortabel
NL: licht
NL: simpel
NL: gemakkelijk
NL: eenvoudig








Staat je antwoord er niet bij of heb je een vraag waarbij het vertaalwoordenboek geen hulp kan bieden? Vraag het dan op `Vertaalhulp`