Vertaal

Vertalingen woord NL>EN

het woord

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [wort]
Verbuigingen:  -en (meerv.)

1) groep klanken of letters die samen een betekenis vormen - word
geen woorden maar daden - actions first, words later
uitdrukking iets onder woorden brengen
uitdrukking iemand aan het woord laten
uitdrukking niet uit je woorden komen
uitdrukking met twee woorden spreken
uitdrukking met andere woorden
uitdrukking woorden hebben met iemand
uitdrukking het hoogste woord hebben
uitdrukking het laatste woord hebben
uitdrukking een aardig woordje Nederlands spreken
uitdrukking er geen woord tussen krijgen
uitdrukking Je haalt me de woorden uit de mond.

2) belofte - word, promise
iemand op zijn woord geloven - believe someone's promise
uitdrukking je woord geven
uitdrukking je (aan je) woord houden
uitdrukking je woord breken

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
het woordthe token ; the word
de woord (m) the speech
woord full word

Bronnen: KDE opensourcesoftware Wakefield genealogy pages interglot Vlietstra
Synoniemen
NL: belofte
NL: bewoording
NL: erewoord
NL: formulering
NL: term
NL: vakterm

Uitdrukkingen en gezegdes
NL: grote woorden EN: big words, (spreektaal) hot air
NL: geen woord meer! EN: not another word!
NL: zijn woord breken EN: break (go back on) one's word
NL: het woord doen EN: do the talking, act as spokesman
NL: Iemand het woord geven EN: call upon a person (to speak)
NL: ik geef je mijn woord erop EN: I give you my word for it
NL: u hebt het woord EN: the floor is yours, (radio) the microphone is yours
NL: Gladstone had het woord EN: Gladstone was on his legs (had the floor)
NL: ik zou graag het woord hebben EN: I should like to say a few words
NL: woorden hebben EN: have words
NL: je hoeft niet zo'n groot woord te hebben EN: you need not go on like that
NL: het hoogste woord hebben EN: talk loudest, dominate the conversation
NL: het laatste woord hebben EN: have the last word
NL: zijn woord houden EN: keep one's word
NL: het woord krijgen EN: be called upon to speak
NL: woorden krijgen met EN: come to words with, have an argument with
NL: ik kon er geen woord tussen krijgen EN: I could not get in a word edgeways
NL: ik kan geen woord uit haar krijgen EN: I can't get a word out of her
NL: het woord nemen EN: rise, begin to speak, take the floor
NL: Iemand het woord ontnemen EN: order a person to sit down
NL: het woord richten tot iemand EN: address a person
NL: zijn woorden terugnemen EN: retract (eat) one's words
NL: ik kan er geen woorden voor vinden EN:



Er zijn 100 zinnen met `woord` gevonden
  1. NL: Jouw lieve woorden vleien mij
    EN: Your sweet words flatter me
  2. NL: We komen woorden te kort om de Freeflower te beschrijven, de eerste aantrekkelijke tentwoning
    EN: Words just can’t describe the character of the Freeflower, camping’s first all-canvas holiday home
  3. NL: Ik zoek het op in mijn woordenlijst
    EN: I'll just grab my vocabulary
  4. NL: schrijf de woorden in de goede kolom
    EN: Write the words in the correct column
  5. NL: Kun je uitleggen wat dat woord betekent?
    EN: What does this word mean?
  6. NL: Zeg het woord - je wens is mijn bevel
    EN: Say the word - your wish is my command
  7. NL: Het Europees Parlement is een belangrijk internationaal forum waar talrijke politieke leiders het woord komen voeren
    EN: World leaders flock to address the European Parliament, a truly international forum
  8. NL: Een dubbele betekenis achter ieder woord dat je zegt zoeken
    EN: Reading into every word you say
  9. NL: Zijn woorden verbaasden mij.
    EN: His words surprised me.
  10. NL: Je begrijpt misschien wel geen woord van wat ik vandaag zeg.
    EN: You probably don't understand a word I'm saying today.
  11. NL: Staat patiënten telefonisch te woord en beantwoordt vragen.
    EN: Answer phones and patients` questions
  12. NL: Veel talen lenen woorden uit de Engelse woordenschat.
    EN: Many languages borrow from English words.
  13. NL: Hij kan geen enkel woord Frans, maar anderzijs kan hij wel Engels spreken alsof hij er mee opgegroeid is.
    EN: He doesn't speak a single word of French, but on the other hand, he speaks English like he was born into it.
  14. NL: Als je nieuwe woorden tegenkomt, moet je ze opzoeken in het woordenboek.
    EN: When you come across new words, you must look them up in your dictionary.
  15. NL: Duid de woorden aan die je niet begrijpt.
    EN: Mark the words which you cannot understand.
  16. NL: Dit woordenboek is net zo nuttig als het jouwe.
    EN: This dictionary is as useful as yours.
  17. NL: Sorry. Ik neem mijn woorden terug.
    EN: I'm sorry. I take back my words.
  18. NL: Hou het woordenboek bij je.
    EN: Keep the dictionary by you.
  19. NL: Veel Engelse woorden komen uit het Latijn.
    EN: Many English words are derived from Latin.
  20. NL: Weeg je woorden goed af.
    EN: Weigh your words well.
  21. NL: Dit is hetzelfde woordenboek als ik heb.
    EN: This is the same dictionary as I have.
  22. NL: Voor een wijze man is één woord genoeg.
    EN: A word is enough to a wise man.
  23. NL: Ik had nooit gedacht dat ik op een dag het woord `viagra` zou opzoeken op Wikipedia.
    EN: I wouldn't have thought I would someday look up `Viagra` in Wikipedia.
  24. NL: Het is een woord waarvoor ik graag een vervanging zou vinden.
    EN: It's a word I'd like to find a substitute for.
  25. NL: 'n Chinees woord. lk noem 'm maar\r Gizmo. . . schijnt-ie leuk te vinden.
    EN: Some Chinese word.\r l just call him. . .

Bekijk alle 100 voorbeeldzinnen met `woord`