Vertaal

Vertalingen verhuizen NL>EN

verhuizen

werkw.
Uitspraak:  [vərˈhœyzə(n)]
Verbuigingen:  verhuisde (verl.tijd )

1) (iemands spullen) definitief naar een ander huis brengen - move, move house
Verbuigingen:  heeft verhuisd (volt.deelw.)
de meubels verhuizen met een vrachtwagen - use a truck to move the furniture

2) in een ander huis gaan wonen - move, change place of abode
Verbuigingen:  is verhuisd (volt.deelw.)
van een flat naar een vrijstaande woning verhuizen - move from an apartment building to a town house
van Rotterdam naar Amsterdam verhuizen - move from Rotterdam to Amsterdam
Mijn ouders zijn sinds hun huwelijk nooit verhuisd. - My parents have never moved since their wedding.

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
verhuizen (ww.)to move house ; to remove ; to move

Bronnen: interglot Wakefield genealogy pages
Synoniemen
NL: migreren
NL: overlopen
NL: verkassen





Er zijn 7 zinnen met `verhuizen` gevonden
  1. NL: De figuren zouden eigenlijk naar New York verhuizen maar zijn gebleven na een protestactie
    EN: The figures were due to be moved to New York, but stayed after an appeal
  2. NL: Verhuizen naar het buitenland
    EN: Settling abroad
  3. NL: Je hoeft niet direct te verhuizen,\r maar ik koop 't huis pas
    EN: I'm not saying I want you\r to move in right now. . .
  4. NL: Hij hielp me verhuizen.
    EN: He helped me to move.
  5. NL: We verhuizen volgende maand.
    EN: We're moving house next month.
  6. NL: Ik zou graag naar Australië verhuizen.
    EN: I would like to move to Australia.
  7. NL: Ik wil samen met mijn partner naar een ander EU-land verhuizen
    EN: I want to move from my home country to another EU country with my partner