Vertaal

Vertalingen schaatsen NL>EN

schaatsen

werkw.
Uitspraak:  [ˈsxatsə(n)]
Verbuigingen:  schaatste (verl.tijd ) heeft geschaatst (volt.deelw.)

je met schaatsen voortbewegen over ijs - ice-skate, skate
kunstschaatsen - figure skating
de 5.000 meter schaatsen - do the 5.000 meter race

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
schaatsen (ww.)to skate
het schaatsenthe skates
schaatsen skating ; ice-skate

Bronnen: interglot MWB
Synoniemen
NL: rijden
NL: schaatsenrijden
NL: wintersport
NL: doorlopers





Er zijn 7 zinnen met `schaatsen` gevonden
  1. NL: Ik heb nog nooit leren schaatsen, maar ik wil het best proberen
    EN: I've never learned to skate, but I'm willing to give it a try
  2. NL: Het meer (in de winter erg geschikt om te schaatsen) biedt nagenoeg alle watersportmogelijkheden die je maar kunt bedenken
    EN: The lake (in the winter very suitable for skating) provides virtually all water sports you can imagine
  3. NL: Ik ben tegenwoordig gek op schaatsen
    EN: I'm quite into ice-skating at the moment
  4. NL: Zullen we vandaag gaan schaatsen?
    EN: Shall we go skating today?
  5. NL: De kinderen pakten hun schaatsen en gingen richting de bevroren vijver.
    EN: The children took their ice skates and made for the frozen pond.
  6. NL: Wat vind je van schaatsen of hoogspringen of de hink-stap-sprong?
    EN: What do you think of skating or high jumping or the triple jump?
  7. NL: Het wordt schaatsen
    EN: Ice-skating is it