Vertaal

Vertalingen medicijn NL>EN

het medicijn

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [medi'sɛin]
Verbuigingen:  -en (meerv.)

iets wat je gebruikt om weer gezond te worden - medicine, medication, drug
medicijnen met vervelende bijwerkingen - drugs with unpleasant side effects
hartmedicijn - heart medication
uitdrukking medicijnen studeren

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
de medicijnthe remedy ; the drug ; the medicine ; the medication ; the medicament
medicijn pharmaceutical

Bronnen: interglot Wakefield genealogy pages
Synoniemen
NL: artsenijmiddel
NL: geneeskunde
NL: geneesmiddel
NL: medicament
NL: middel
NL: pil
NL: remedie

Uitdrukkingen en gezegdes
NL: student in de medicijnen EN: medical student



Er zijn 62 zinnen met `medicijn` gevonden
  1. NL: Minder mobiele reizigers kunnen van de luchtvaartmaatschappij tijdens de vlucht geen hulp krijgen om te eten of om medicijnen in te nemen
    EN: Passengers with reduced mobility cannot get help from the airline during a flight to eat or take medication
  2. NL: dus geen medicijnen voor Maggie.
    EN: so no meds for Maggie.
  3. NL: Drugs?\r -Medicijnen.
    EN: -Drugs?\r -Legal ones.
  4. NL: snelwerkend (van medicijn)
    EN: fast-acting
  5. NL: dosering van een medicijn
    EN: use level
  6. NL: (als medisch student) kliniek lopen, co-schappen lopen, medicijnen studeren
    EN: walk the hospitals/wards
  7. NL: Neem dit medicijn na elke maaltijd.
    EN: Take this medicine after each meal.
  8. NL: Het nieuw medicijn heeft zijn leven gered.
    EN: The new medicine saved his life.
  9. NL: De medicijnen versnelden het groeiproces.
    EN: The medicine hastened the process of growth.
  10. NL: Ik geef het op. Wat hebben een Ierse priester en een Congoleese medicijnman gemeen?
    EN: I give up. What do an Irish priest and Congolese witch doctor have in common?
  11. NL: De dokter schreef medicijnen voor voor de patiënt.
    EN: The doctor prescribed medicine for the patient.
  12. NL: Hij ging naar Amerika om medicijnen te studeren.
    EN: He went to America to study medicine.
  13. NL: doctor in de medicijnen
    EN: Doctor of Medicine
  14. NL: en alleen jij hebt het medicijn.
    EN: . . .and then imagine that you\r and you alone have the cure.
  15. NL: miljarden in 'n medicijn voor erecties?
    EN: billions making a drug\r so that guys can get it up?
  16. NL: Ik weet het niet meer.\r Ik lees alles over medicijnen.
    EN: I don't know where I read it.\r I'm a drug slut. I read everything.
  17. NL: medicijnkastje
    EN: medicine cabinet
  18. NL: Medicijnen
    EN: medication(s)
  19. NL: medicament/medicijn
    EN: medicament
  20. NL: gift (medicijn)
    EN: dose
  21. NL: toegelaten medicijnen
    EN: registered medicines
  22. NL: Dit medicijn smaakt bitter.
    EN: This medicine tastes bitter.
  23. NL: Ook is er een apotheek zodat u uw medicijnen gemakkelijk op Schiphol vlak voor vertrek kunt afhalen
    EN: There is also a pharmacy that makes it convenient to pick up your medications at Schiphol before your departure
  24. NL: de medicijngigant Pfizer.
    EN: the drug giant Pfizer.
  25. NL: Ik wil iemand\r die hem meer dan medicijnen geeft.
    EN: Yes, but I want someone\r to give him more than medication.

Bekijk alle 62 voorbeeldzinnen met `medicijn`