Vertaal

Vertalingen maat NL>EN

I de maat

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [mat]
Verbuigingen:  maten (meerv.)

iemand met wie je iets samen doet of met wie je bevriend bent - buddy, mate
met een stel maten naar het café - go to a pub with a group of buddies
Mijn maat hield de ladder vast en ik klom naar boven. - My mate held the ladder in place, and I climbed up.


II maat

zelfst.naamw.
Verbuigingen:  maten (meerv.)

1) eenheid waarmee je de grootte van iets aangeeft - measure, size
schoenmaat - shoe size
inhoudsmaat - capacity/volume measurement
uitdrukking De maat is vol!
uitdrukking in soorten en maten

2) deel van de uitdrukking:
uitdrukking met twee maten meten

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
de maat (m) the friend ; the proportion ; the fellow ; the size ; the circumference ; the buddy ; the comrade ; the measurement ; the pall ; the demension
de maatthe measure
maat dimension ; gauge ; time ; tempo ; mate ; metrics ; companion ; pal ; musical time ; tact

Bronnen: interglot Vlietstra Wakefield genealogy pages
Synoniemen
NL: afmeting
NL: breedte
NL: collega
NL: compaan
NL: eenheid
NL: gezel
NL: grootte
NL: hoeveelheid
NL: kameraad
NL: maatbeker

Uitdrukkingen en gezegdes
NL: de eerste maat EN: the first bar
NL: maten en gewichten EN: weights and measures
NL: kleine (grote) maat EN: small (large) size
NL: hij heeft een kleine maat van schoenen EN: he takes a small size in shoes
NL: extra grote maten EN: outsize (shoes)
NL: niet de volle maat geven EN: give short measure
NL: maat houden EN: (muz.) keep time EN: (figuurlijk) keep within bounds
NL: hij weet geen maat te houden EN: he does not know when to stop, where to draw the line
NL: de maat nemen EN: take a person's measure
NL: dat doet de maat overlopen EN: that is the last straw, that does it
NL: de maat is vol EN: the cup is full
NL: de maat slaan EN: beat time
NL: in de maat EN: in time
NL: in hoge mate EN: in a large measure EN: highly
NL: in de hoogste mate EN: in the extreme
NL: in zulk een mate dat EN: to such an extent that
NL: in meerdere of mindere mate EN: more or less, to a greater or lesser extent
NL: met name EN: in moderation
NL: alles met mate EN: everything in reason
NL: met twee maten meten EN: measure by two standards



Er zijn 100 zinnen met `maat` gevonden
  1. NL: De maatregelen voor het vrij verkeer van energie op de EU-markt hebben positieve effecten voor de burger en het bedrijfsleven:
    EN: Measures to ensure the free movement of energy on the EU market help citizens and businesses in many ways:
  2. NL: lk geef nu even geen melk, maat.
    EN: l ain't exactly lactating right now, pal.
  3. NL: Het is ver naar Mardi Gras, maatje.
    EN: lt's a long way to Mardi Gras, baby.
  4. NL: Bayreuth is traditioneel een vruchtbare plek voor genieën, kunst en creativiteit, waar het bijzondere de maatstaf is
    EN: Traditionally Bayreuth is a place of artistic and creative genius, where the exceptional is the norm
  5. NL: het energieverbruik door energie-efficiëntie met 20% te verminderen, in vergelijking met het verwachte niveau zonder maatregelen
    EN: reduce the amount of primary energy used – through energy efficiency - by 20% compared with projected levels
  6. NL: Op maat gemaakt
    EN: Made to measure
  7. NL: U doet met Mogwai,\r wat uw maatschappij met alle. . .
    EN: You do with mogwai what your society. . .
  8. NL:maat.\r Ben je iets vergeten?
    EN: Hey, buddy.
  9. NL: Ik meet hem wel.\r Ik maak ze wel op maat volgende keer.
    EN: l'll measure it.\r Make the sandwiches to size next time.
  10. NL: maateenheid
    EN: measure
  11. NL: maat voor vaatweerstand
    EN: PI (pulsatility index)
  12. NL: vervoersactiviteiten van een maatschappij
    EN: air transport operations
  13. NL: maatschappelijk werk
    EN: social worker
  14. NL: Op maat
    EN: Tailored
  15. NL: Ik zou graag een maat 38 zien
    EN: I'd like to see a size 8
  16. NL: welke maat heeft u?
    EN: what size are you?
  17. NL: ik heb maat
    EN: I take a size
  18. NL: heeft u deze in een kleinere maat?
    EN: have you got this in a smaller size?
  19. NL: Welke maat heb je?
    EN: What size are you?
  20. NL: Heeft u deze in een grotere maat?
    EN: Does it come in larger sizes?
  21. NL: maatschappelijk gedragen
    EN: widely supported
  22. NL: maatschappelijke organisaties
    EN: civil-society organisations
  23. NL: Daarbij kan men positieve impulsen vanuit markt en maatschappij goed gebruiken
    EN: Positive signs from the market and society would no doubt add momentum to this process
  24. NL: maat en trap
    EN: extent and level
  25. NL: Maatschappelijk werker
    EN: Community or social service worker

Bekijk alle 100 voorbeeldzinnen met `maat`