Vertaal

Vertalingen bewijs NL>EN

het bewijs

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [bə'wɛis]
Verbuigingen:  -wijzen (meerv.)

feit, redenering of document waaruit blijkt dat iets waar of juist is - evidence, proof
bewijs van inschrijving - proof of subscription
bewijs voor fraude - evidence of fraud
onvoldoende bewijs tegen de verdachte hebben - have not enough evidence to clear (oneself)

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
bewijs (ww.)to note
het bewijsthe evidence ; the proof ; the token ; the body of evidence ; the piece of evidence ; the receipt ; the allegation ; the remittance-note ; the note of remittance ; the certificate
bewijs demonstration ; sign ; character ; mark ; signal

Bronnen: interglot Wakefield genealogy pages
Synoniemen
NL: akte
NL: argument
NL: attest
NL: beweringsgrond
NL: bewijsstuk
NL: blijk
NL: briefje
NL: teken

Uitdrukkingen en gezegdes
NL: bewijs van goed gedrag EN: testimonial of good conduct
NL: bewijs van lidmaatschap EN: certificate of membership
NL: bewijs van Nederlanderschap EN: identity card
NL: bewijs van ontvangst EN: receipt
NL: bewijs van toegang EN: ticket of admission
NL: bewijs leveren van EN: furnish proof of
NL: het is aan hem om 't bewijs te leveren EN: the burden of proof lies with him
NL: ten bewijze hiervan EN: in proof (support) of this