Vertaal

Vertalingen automaat NL>EN

de automaat

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ɑutoˈmat]
Verbuigingen:  -maten (meerv.)

1) apparaat dat bepaalde dingen kan doen, maken of verkopen - vending machine
koffieautomaat - coffee maker
wasautomaat - washing machine
kaartjesautomaat - ticket machine

2) auto met een automatische versnelling - car with an automatic speed setting
in een automaat rijden - drive mechanically

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
de automaat (m) the automaton ; the vending machine
automaat automatic ; auto-lathe ; autosync ; mini circuit breaker ; automoton ; automatic vending machine ; machine

Bronnen: Vlietstra interglot SEG Wakefield genealogy pages MWB
Synoniemen
NL: machine