Vertaling van telefoon, NL>DEtelefoon de ~ (m)Telefon (das ~), Fernsprecher (der ~) Voorbeeldzinnen en gezegdes NL: telefoon 24164
DE: Ruf, Fernruf 24164NL: de telefoon gaat DE: das Telefon läutet NL: mijnheer J., telefoon!; er is telefoon voor u DE: Herr J., bitte zum Telefon DE: Sie werden am Telefon verlangt NL: de telefoon opnemen, neerleggen, op de haak hangen DE: den Hörer abnehmen DE: auflegen, hinlegen DE: abhängen Taal, communicatie en documentatie NL: telefoonDE: Fernhörer NL: telefoon, T., tel, Tel. DE: Telephon,Telefon, TEL,tel,Tel., T NL: telefoon DE: Telefon NL: telefoontoestel DE: Fernsprechapparat NL: toestel DE: Telefonanlage Definitie Duits: ein Fernmeldegerät mit Sprech-und Hörkapseln, Ausschalter (für aufgelegten Hörer),Nummernschalter und zugehörigen Elementen | Ook in de databasetelefoon in de hoorntelefoon van hoge kwaliteit telefoon van telefoontoestel telefoon-credit card telefoon-lijntester telefoonaansluiting telefoonaansluitingen telefoonabonnee telefoonabonnement telefoonantwoordapparaat telefoonapparatuur telefoonbasisband telefoonbeantwoorder telefoonbeantwoorders |
|
| © Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English | ||