Vertaal

Vertalingen heet NL>DE

heet

bijv.naamw.
Uitspraak:  [het]

1) met een hoge temperatuur - heiß
Pas op, goed blazen, want de soep is gloeiend heet. - Pass auf, gut pusten, denn die Suppe ist glühend heiß.

2) (van eten) sterk gekruid en prikkelend in je mond - scharf
Deze pepertjes zijn erg heet. - Diese Chilischoten sind ziemlich scharf.

3) seksueel opgewonden - heiß , geil
heet worden van lekkere billen - von hübsch anzusehenden Hintern heiß werden

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
heet eifrig (bijv.naamw.) ; enthusiastisch (bijv.naamw.) ; gepfeffert (bijv.naamw.) ; scharf (bijv.naamw.) ; pikant (bijv.naamw.) ; heiß ; gereizt (bijv.naamw.) ; begeistert (bijv.naamw.) ; prikelnder Geschmack (bijv.naamw.) ; erregend (bijv.naamw.) ; herzhaft (bijv.naamw.) ; feurig (bijv.naamw.) ; erregt (bijv.naamw.) ; geil (bijv.naamw.) ; aufgeregt (bijv.naamw.) ; hingebungsvoll (bijv.naamw.) ; aufgregend (bijv.naamw.) ; hitzig (bijv.naamw.)

Bron: mwb
Synoniemen
NL: brandend
NL: geil
NL: gekruid
NL: gepeperd
NL: gloeiend
NL: hartig
NL: hevig
NL: hitsig
NL: koortsig
NL: opgewonden

Uitdrukkingen en gezegdes
NL: voor heter vuren gestaan hebben DE: härtere Nüsse zu knacken gehabt haben



Er zijn 100 zinnen met `heet` gevonden
  1. NL: In de jaren zeventig heette de Fulehung \
    DE: In den siebziger Jahren hiess der Fulehung ``Bajass`` (böser Mann)
  2. NL: Het was onwijs heet, maar we hebben een hele leuke tijd gehad
    DE: Es war irre heiss, aber wir hatten eine wahnsinnig schoene Zeit
  3. NL: Tweemaal zoveel heet dubbel
    DE: Zweimal so viel heißt doppelt
  4. NL: Ik weet niet hoe het in het Duits heet
    DE: Ich weiss nicht, wie es auf Deutsch heisst
  5. NL: Hoe heet de laatste CD van Rammstein?
    DE: Wie heißt die letzte CD von Rammstein?
  6. NL: Hoe heet jij?
    DE: Wie heißt du?
  7. NL: Hoe heet jullie huisdier?
    DE: Wie heißt euer Haustier?
  8. NL: Ja, vooral als het zo heet is
    DE: Ja, vor allem wenn es so heiß ist
  9. NL: Hoe heet uw broer?
    DE: Wie heißt Ihr Bruder?
  10. NL: Hoe heet de baby?
    DE: Wie heißt das Baby?
  11. NL: Ik heet..
    DE: Ich heisse..
  12. NL: Daar is geen lucht, en aan de evenaar\r is het zo heet dat lood er smelt.
    DE: Er hat keine Luft und am Äquator\r ist es so heiß wie flüssiges Blei.
  13. NL: -Hoe heet hij?\r -Gizmo.
    DE: Wie heißt er?
  14. NL: Het was heet. En het was ook heel klam.
    DE: Es war heiß. Und es war auch sehr feucht.
  15. NL: Ik heet Tamako, en jij?
    DE: Ich heiße Tamako, und du?
  16. NL: Men moet het ijzer smeden als het heet is.
    DE: Man muss das Eisen schmieden solange es heiß ist.
  17. NL: Het is vandaag bijzonder heet.
    DE: Es ist heute besonders heiß.
  18. NL: Ik las dat de president van Brazilië een vrouw is. Ze heet Dilma.
    DE: Ich habe gelesen, dass Brasiliens Präsident eine Frau ist. Ihr Name ist Dilma.
  19. NL: Het is te heet.
    DE: Es ist zu heiß.
  20. NL: Het is te heet om schoenen op te halen.
    DE: Mann, es ist doch viel zu heiß,\r um irgendwo Schuhe abzuholen.
  21. NL: Gozer, je heet James.
    DE: DEANGELO:\r Dein Name ist James.
  22. NL: Zo heet hij vanwege de vossenbeeldjes\r die hij achterlaat om ons te tarten,
    DE: So benannt, weil er am Tatort
  23. NL: Dat is erg ongebruikelijk.\r - Ik doe het graag. Hoe heet hij?
    DE: - Das ist nicht üblich.\r - Tut mir Leid. Dauert ja nicht lange.
  24. NL: Het was heet gisteren.
    DE: Gestern war es warm.
  25. NL: Hoe heet hij, Keenon?
    DE: Wer ist es, Keenon?

Bekijk alle 100 voorbeeldzinnen met `heet`