Vertaal

Vertalingen vessel EN>NL

1 a container, usually for liquid: “a plastic vessel containing acid.”
vat

2 a ship: “a 10,000-ton grain-carrying vessel.”
vaartuig
© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
the vesselde boot ; het schip ; het bootje ; de vaartuig ; de schuit ; het schuitje ; het scheepje ; het stoomschip ; de pot (m) ; de bak (m) ; de ton ; de vat (m) ; de emmer (m) ; de teil ; de barrel (m) ; de kuip ; het fust
vessel civette ; doos ; etui ; foedraal ; koker ; korf ; zak ; pul ; vaas

Bronnen: interglot Vlietstra Wakefield genealogy pages
Synoniemen
EN: craft
EN: tube
EN: tube-shaped structure
EN: vas

Uitdrukkingen en gezegdes
EN: the weaker vessel NL: de vrouw



Er zijn 43 zinnen met `vessel` gevonden
  1. EN: ventral blood vessel
    NL: ventraal bloedvat
  2. EN: vessel
    NL: lymfvat
  3. EN: vessel
    NL: vat
  4. EN: double vessel disease
    NL: tweetaksziekte
  5. EN: anchor winch and bow thruster of a ready-to-sail vessel
    NL: ankerlier en boegschroef van een vaarklare casco
  6. EN: blood vessel surgery
    NL: vaatchirurgie
  7. EN: dorsal blood vessel
    NL: dorsaal bloedvat
  8. EN: vessel wall
    NL: vaatwand
  9. EN: the mortgaged vessel
    NL: het verbondene schip
  10. EN: usually single vessel disease
    NL: Eentaksziekte
  11. EN: tying up of a blood vessel
    NL: het onderbinden van een bloedvat
  12. EN: dispatch vessel
    NL: koerierschip
  13. EN: trading vessel
    NL: koopvaarder/handelsvaartuig
  14. EN: Load supplies and equipment to vessel, and unload catch from vessel.
    NL: Laadt voorraden en uitrusting op het schip en lost de vangst van het schip.
  15. EN: Their fleet numbered 3000 sailing vessels
    NL: Hun vloot telde 3000 zeilvaartuigen
  16. EN: vessel lumen
    NL: vaatlumen
  17. EN: lymph vessel
    NL: lymfvat
  18. EN: diffuse 3-vessel heart disease
    NL: een diffuus 3-taks coronarialijden
  19. EN: Handle lines to secure vessels to wharves or other ships.
    NL: Werkt met lijnen om vaartuigen vast te leggen aan kades of andere schepen.
  20. EN: rescue vessel
    NL: reddingsvaartuig
  21. EN: tank vessel
    NL: tankschip
  22. EN: anti ship attack vessel
    NL: anti-schipvaartuig
  23. EN: blood vessel
    NL: bloedvat
  24. EN: ocean station vessel
    NL: stationzeeschip
  25. EN: umbilical vessels
    NL: navelvaten

Bekijk alle 43 voorbeeldzinnen met `vessel`