Vertaal

Vertalingen skill EN>NL

1 cleverness at doing something, resulting either from practice or from natural ability: “This job requires a lot of skill.”
bedrevenheid

2 a job or activity that requires training and practice; an art or craft: “the basic skills of reading and writing.”
vaardigheid

'skilful (Bijvoeglijk naamwoord)

having, or showing, skill: “a skilful surgeon”
bekwaam

'skilfully (Bijwoord)

bekwaam

'skilfulness (Zelfstandig naamwoord)

bekwaamheid

skilled (Bijvoeglijk naamwoord)

(negativeunskilled)

1 (of a person etc) having skill, especially skill gained by training: “a skilled craftsman”
bedreven

2 (of a job etc) requiring skill: “a skilled trade.”
geschoold
© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
the skillde vaardigheid (v) ; de bekwaamheid (v) ; de kunst (v) ; de truc (m) ; de handigheid (v) ; de behendigheid (v) ; het kunstje ; de kunstgreep (m) ; de kunde (v) ; de kundigheid (v) ; de deskundigheid (v) ; de vakkundigheid (v) ; kennis van zaken (znw.) ; het vakmanschap ; het kunnen ; het vakwerk ; de vakarbeid (v) ; de bedrevenheid (v) ; de vlugheid (v) ; de capaciteit ; de ervaring (v) ; de praktijk ; de routine (v)
skill slag ; vakkennis

Bronnen: interglot Wakefield genealogy pages Horecagids
Synoniemen
EN: ability
EN: adeptness
EN: apparent ease
EN: aptitude
EN: assurance
EN: competence
EN: cunning
EN: dexterity
EN: elegance
EN: equipment





Er zijn 33 zinnen met `skill` gevonden
  1. EN: The Brussels-Capital Region must deal with a problem of massive unemployment affecting its less skilled residents in particular
    NL: Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kampt met een zwaar werkloosheidsprobleem dat voornamelijk laaggeschoolde inwonenden treft
  2. EN: As a result, l'm in need of someone\r with some theatrical skill.
    NL: lk heb iemand nodig\r met toneelvaardigheden.
  3. EN: Skill
    NL: Vaardigheid
  4. EN: emerging maths skills
    NL: ontluikende rekenontwikkeling
  5. EN: skilled persons
    NL: vakbekwamen personen
  6. EN: Conduct or arrange training in job-related skills for workers.
    NL: Geeft of regelt training voor medewerkers op het gebied van werkgerelateerde vaardigheden.
  7. EN: managerial skills
    NL: leidinggevende vaardigheden (HR term)
  8. EN: Legendary skills in winemaking, brewing and distilling
    NL: Een erkende ervaring voor wijn, bier en sterkedrank
  9. EN: Skilled professionals can work anywhere in the EU
    NL: Specialisten kunnen overal in de EU aan de slag
  10. EN: The goals are to promote entrepreneurship and skills, improve small firms’ access to markets and boost their capacity for R&D
    NL: Het doel is ondernemerschap en vaardigheden te promoten en, kleine ondernemingen meer afzetmogelijkheden en O&O-mogelijkheden te geven
  11. EN: It gives students experiences from different cultures and they return home with fresh knowledge, improved language skills and memories for life
    NL: Zij ervaren daar andere culturen en keren terug met nieuwe inzichten, een betere talenkennis en herinneringen die hun altijd bijblijven
  12. EN: Social-emotional skills
    NL: leefstijl
  13. EN: Give advice and support to women on parenting skills, and babycare and feeding
    NL: Adviseert en ondersteunt vrouwen met betrekking tot opvoedkundige zaken, de zorg voor en voeding van de baby.
  14. EN: Assist individuals with career development and job search skills.
    NL: Begeleidt individuen bij hun loopbaanontwikkeling en sollicitatievaardigheden.
  15. EN: (social) life skills (or self-reliance)
    NL: redzaamheid
  16. EN: Competitions measure candidates' skills through a series of tests and assessments, ensuring the very best people are selected
    NL: Deze examens of vergelijkende onderzoeken bestaan uit een reeks testen en een assessment, om de beste mensen te vinden
  17. EN: Will my language skills be good enough?
    NL: Spreek ik de taal wel goed genoeg?
  18. EN: Skill level
    NL: Vaardigheidsniveau
  19. EN: entrepreneurial skills - travelling (fun) fair operator
    NL: ondernemersvaardigheden-ambulant-kermisuitbater
  20. EN: skilled person
    NL: vakbekwaam persoon
  21. EN: Identify the tools, equipment and skills necessary for repair and maintenance work.
    NL: Bepaalt welke gereedschap, apparatuur en vaardigheden nodig zijn voor het reparatie- en onderhoudswerk.
  22. EN: trained, skilled
    NL: geschoold
  23. EN: every citizen must obtain the skills needed to live and work in the information society;
    NL: Iedere burger moet de vaardigheden leren die vereist zijn om te leven en werken in de informatiemaatschappij
  24. EN: Evidence suggests this may result in faster language learning and more advanced mother-tongue skills
    NL: Er zijn duidelijke aanwijzingen dat ze dan later sneller talen leren en ook vlotter hun moedertaal beheersen
  25. EN: Management members are selected for this function based on their knowledge, skill, experience and contacts
    NL: Bestuursleden worden op basis van hun kennis, kunde, ervaring en contacten geselecteerd voor deze functie

Bekijk alle 33 voorbeeldzinnen met `skill`