Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen


Vertaling van splissen, DE>NL

Enter Shift+Enter
splissen ww.
scheiden, splitsen, loskoppelen, uitsplitsen, uit elkaar halen, uiteengaan, splijten, kloven, klieven, uiteensplijten, doorhakken, doorklieven, doormidden hakken, doorhouwen, in tweeën houwen

Synoniemen
DE: Schlagen (das ~)
NL: gebonk (het ~), gebeuk (het ~), gebons (het ~), geklots (het ~)
DE: Loskoppeln (das ~)
NL: afkoppelen (ww.)
DE: Abkoppeln (das ~)
NL: afhaken (ww.), ontkoppeling (de ~ (v)), afkoppeling (znw.), loskopp...
DE: zerhacken (ww.)
NL: splitsen, splijten, kloven, klieven, uiteensplijten, stukhakken
DE: durchhauen (ww.)
NL: doorhakken, kloven, klieven, doorklieven, doormidden hakken, doorho...
DE: durchschneiden (ww.)
NL: doorhakken, kloven, klieven, doorklieven, doormidden hakken, doorho...
DE: spalten (ww.)
NL: uiteenvallen, uit elkaar vallen, desintegreren, doorhakken, kloven,...
DE: schlagen (ww.)
NL: verkrijgen, behalen, winnen, raken, treffen, beroeren, slaan, een k...
DE: streichen (ww.)
NL: annuleren, intrekken, afzeggen, afgelasten, nietig verklaren, afbes...
DE: bersten (ww.)
NL: springen, ontploffen, uit elkaar spatten, uit elkaar springen, door...
DE: scheiden (ww.)
NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, scheiden, loskoppelen, uitspl...
DE: trennen (ww.)
NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, uitzoeken, ontrafelen, uitplu...
DE: loskoppeln (ww.)
NL: stoppen, opgeven, ophouden, afvallen, afzeggen, afzien van, afhaken...




Zojuist vertaald

DE>NL: splissen
DE>NL: Agieren
DE>NL: spinnen
DE>NL: Agieren
DE>NL: lassen
DE>NL: sollen
DE>NL: skandal
DE>NL: ausladen
DE>NL: sinken
DE>NL: sich
DE>NL: setzen
DE>NL: sendung
DE>NL: seit
DE>NL: schwingen
© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English