Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen


Vertaling van brechen, DE>NL

Enter Shift+Enter
brechen ww.
breken, sneuvelen, kapot gaan, stuk gaan, stukbreken, aan stukken breken, opheffen, beëindigen, afbreken, ontbinden, verbreken, forceren, verbrijzelen, stukmaken, moeren, kapotmaken, mollen, knakken, inslaan, kapotslaan, stukslaan, aan stukken slaan, afknappen, er vanaf breken, spugen, spuwen

Synoniemen
Toon alle 35 | Verberg
DE: Anbrechen (das ~)
NL: aanbreken van de dag (ww.)
DE: Abbrechen (das ~)
NL: annuleren (ww.), afbestellen (ww.), demontage (de ~ (v)), ontmantel...
DE: Aufmachen (das ~)
NL: openmaken (ww.), opendoen (ww.)
DE: Beenden (das ~)
NL: opheffen (ww.), beëindigen (ww.), opheffing (de ~ (v)), afkrijgen ...
DE: Kotzen (das ~)
NL: overgeven (ww.), kotsen (ww.), braken (ww.), spugen (ww.), spuwen (...
DE: Spucken (das ~)
NL: spuwen (ww.), gespuug (het ~), gespuw (znw.)
DE: Aufbrechen (das ~)
NL: opbreken (ww.)
DE: anbrechen (ww.)
NL: opheffen, beëindigen, afbreken, ontbinden, verbreken, forceren, ve...
DE: ausfasern (ww.)
NL: uitzoeken, ontrafelen, uitpluizen, ontwarren, uitrafelen, ontraadse...
DE: scheiden (ww.)
NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, scheiden, loskoppelen, uitspl...

Voorbeeldzinnen en gezegdes
DE: sich brechen NL: braken, overgeven NL: breken
DE: einen Streit vom Zaun brechen NL: zonder enige aanleiding ruzie zoeken
DE: nichts zu beißen und zu brechen haben NL: niets te eten hebben
DE: zum Brechen voll, brechend voll NL: propvol

In de praktijk:
DE: brechen, reissen, abreissen
NL: breken

DE: brechen, zerreiben
NL: malen, stampen

Techniek en Industrie
DE: brechen
NL: breken






Zojuist vertaald

DE>NL: brechen
DE>NL: boot
DE>NL: bindfaden
DE>NL: bewilligen
DE>NL: unterliegen
DE>NL: bewahren
DE>NL: betten
DE>NL: mitte
DE>NL: mitte
DE>NL: betreiben
DE>NL: bauen
DE>NL: Zeugnis
DE>NL: bestehen
DE>NL: bauen
© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English