Vertaling van bellen, DE>NLBellen das ~geblaf (het ~), gekef (znw.) Bellen ww. uitroepen, brullen, uitschreeuwen, het uitgillen, blaffen, keffen Synoniemen Toon alle 26 | Verberg DE: Gebell (das ~) NL: gehuil (het ~), gejammer (het ~), geweeklaag (het ~), geblaf (het ~...DE: Sausen (das ~) NL: gestuif (znw.), suizing (de ~ (v)), gesuis (het ~)DE: Johlen (das ~) NL: joelen (ww.), hoon (de ~ (m)), hoongelach (het ~), gescheld (znw.),...DE: Donnern (das ~) NL: onweer (het ~), donderbui (de ~), onweren (ww.), donderen (ww.)DE: Poltern (das ~) NL: gestommel (het ~)DE: Skandieren (das ~) NL: scandering (znw.)DE: Schreien (das ~) NL: roepen (ww.), schreeuwen (ww.), gillen (ww.), kreten (de ~), lokroe...DE: Rasen (der ~) NL: grasveld (het ~), gazon (het ~), grasperk (het ~), grasmat (de ~), ...DE: zischen (ww.) NL: uitroepen, brullen, uitschreeuwen, het uitgillenDE: tosen (ww.) NL: razen, tieren, tekeergaan, fulmineren, te keer gaan, kwaad zijn, sc... | ||
| © Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English | ||