Vertaling van auf, DE>NLVoorbeeldzinnen en gezegdes DE: auf der Lauer
NL: op de loerDE: auf frischer Tat NL: op heterdaad DE: auf keinen Fall NL: in geen geval DE: etwas auf deutsch sagen NL: iets in het Duits zeggen DE: auf einen Zug NL: in één teug DE: auf einen Baum klettern NL: in een boom klimmen DE: das liegt auf der Hand NL: dat ligt voor de hand DE: ein Zimmer auf ein Jahr mieten NL: een kamer voor een jaar huren DE: einen auf den Abend einladen NL: iemand voor 'savonds uitnodigen DE: drei Viertel auf sieben NL: kwart voor zeven DE: es geht auf sieben Uhr NL: het loopt naar 7 uur DE: hören auf NL: luisteren naar DE: auf diesem Wege NL: langs deze weg DE: von Jugend auf NL: van (zijn) jeugd af DE: aufs Land gehen NL: naar buiten gaan, de stad uit DE: das hat nichts auf sich NL: dat heeft niets te betekenen DE: Birnen wachsen auf dem Baum NL: peren groeien aan de boom DE: auf Wiedersehen NL: tot ziens DE: auf Wiederhören NL: tot de volgende uitzending (radio) DE: aufs beste NL: ten zeerste NL: zeer goed DE: aufs höchste überrascht NL: ten zeerste, uiterst verrast | ||
| © Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English | ||