|
|
Vertaling van abbrechen, DE>NL
Abbrechen das ~annuleren (ww.), afbestellen (ww.), demontage (de ~ (v)), ontmanteling (de ~ (v)), uiteenname (znw.), wegbreken (ww.)Abbrechen ww.stoppen, afsluiten, eindigen, beëindigen, ophouden, een einde maken aan, opheffen, afbreken, ontbinden, verbreken, forceren, verbrijzelen, stukmaken, vernietigen, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, iets afbreken, kraken, openbreken, losbreken, afknappen, er vanaf breken, lostrekken, losrukken, losscheuren, wegbrekenSynoniemen Toon alle 59 | Verberg NL: wegbreken (ww.)NL: annuleren (ww.), afbestellen (ww.), afzeggen (ww.)NL: afhandelen (ww.)NL: verderf (het ~)NL: voldoen (ww.), betalen (ww.), dokken (ww.), wegdragen (ww.), afdrag...NL: aanbreken van de dag (ww.)NL: openmaken (ww.), opendoen (ww.)NL: opheffen (ww.), beëindigen (ww.), opheffing (de ~ (v)), afkrijgen ...NL: opbreken (ww.)NL: afwerken (ww.), afmaken (ww.)NL: sloop (de ~ (m)), afbraak (de ~), demontage (de ~ (v)), ontmantelin...NL: einden (de ~), eindjes (de ~)NL: wegbrekenNL: annuleren, intrekken, afzeggen, afgelasten, nietig verklaren, afbes...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, te ...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, afm...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruinerenNL: omstoten, omduwen, omverstoten, omverrukken, omgooien, omverwerpen,...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, bed...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, tot...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, moe...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, iet...NL: uitmaken, afzetten, uitzetten, uitschakelen, uitdoen, vernietigen, ...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, vernietigen, a...NL: stoppen, afsluiten, eindigen, beëindigen, ophouden, een einde make...NL: uitvoeren, doen, handelen, verrichten, uitrichten, afronden, beëin...NL: vernietigen, afbreken, slopen, vernielen, verwoesten, ruineren, ver...NL: verrekenen, afrekenen, vereffenen, afbetalen, vernietigen, afbreken...NL: vervangen, vernieuwen, verwisselen, aflossen, remplaceren, verreken...NL: scheiden, splitsen, uit elkaar halen, uiteenhalen, opheffen, beëin...NL: opheffen, beëindigen, afbreken, ontbinden, verbreken, forceren, ve...NL: uitzoeken, ontrafelen, uitpluizen, ontwarren, uitrafelen, ontraadse...NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, scheiden, loskoppelen, uitspl...NL: scheiden, detacheren, losmaken, loskrijgen, loswerken, opheffen, be...NL: oplossen, ontrafelen, ontwarren, ontknopen, ontraadselen, ontcijfer...NL: oplossen, ontrafelen, ontwarren, ontknopen, ontraadselen, uitzoeken...NL: oplossen, ontrafelen, ontwarren, ontknopen, ontraadselen, uithalen,...NL: laten, toelaten, permitteren, loslaten, bevrijden, losmaken, vrijla...NL: gebruiken, verbruiken, consumeren, uithalen, losmaken, uittrekken, ...NL: aankomen, eindigen, finishen, stoppen, afsluiten, beëindigen, opho...NL: laten, toelaten, permitteren, bevallen, voortbrengen, baren, ter we...NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, uitzoeken, ontrafelen, uitplu...NL: stoppen, opgeven, ophouden, afvallen, afzeggen, afzien van, afhaken...NL: breken, sneuvelen, kapot gaan, stuk gaan, stukbreken, aan stukken b...NL: kraken, openbreken, losbrekenNL: breken, sneuvelen, kapot gaan, stuk gaan, stukbreken, aan stukken b...NL: oplossen, ontcijferen, ontwarren, tot een oplossing brengen, kraken...NL: opsluiten, vastzetten, in de cel zetten, kraken, openbreken, losbre...NL: opheffen, hijsen, omhoog heffen, vorderen, vooruitkomen, erop vooru...NL: gaan, vertrekken, weggaan, opstappen, heengaan, opbreken, verwijder...NL: kraken, openbreken, losbreken, ontleden, uit elkaar nemen, anatomis...NL: delen, splitsen, opdelen, opsplitsen, uiteenvallen, uit elkaar vall...NL: afknappen, er vanaf brekenNL: buigen, krommen, welven, krom buigen, afknappen, er vanaf brekenNL: knakken, doorbreken, afknappen, er vanaf brekenNL: leveren, lappen, flikken, iemand iets flikken, stoppen, afsluiten, ...NL: stoppen, afsluiten, eindigen, beëindigen, ophouden, een einde make...NL: maken, produceren, vervaardigen, voortbrengen, fabriceren, leveren,...NL: aankomen, eindigen, finishen, stoppen, afsluiten, beëindigen, opho... Voorbeeldzinnen en gezegdes DE: sich etwas am Munde abbrechen
NL: iets uit zijn mond sparenDE: etwas am Lohn abbrechen
NL: beknibbelen op het loonDE: sie haben alle Brücken hinter sich abgebrochen
NL: zij hebben alle schepen achter zich verbrandDE: brich dir nur keinen (Zacken) ab!
NL: stel je niet zo aan!
Automatisering DE: Abbrechen, vorzeitig Beendigen NL: abnormale beëindiging DE: Abbrechen NL: afbreken Definitie Nederlands: directory-bewerking die een aanvraag beëindigt.Deze bewerking is niet gegarandeerd buiten het lokale bereik Elektrotechniek DE: Abbrechen NL: ontkoppelbevel DE: DISC NL: verbreekbevel Definitie Duits: Befehl, dessen Funktion es ist, den vorher geltenden Betriebszustand aufzuheben und mitzuteilen, daß die den Befehl sendende Station die Übermittlung anhält Taal, communicatie en documentatie DE: abbrechen, eine Verbindung abbrechen NL: verbreken, verbreken van een verbinding Techniek en Industrie DE: abbrechen NL: afbreken, bladbreken Transport en Verkeer DE: abbrechen, scheitern NL: afbreken
|
|