|
|
Vertaling van Sinken, DE>NL
Sinken das ~afname (de ~), val (de ~ (m)), daling (de ~ (v)), minder worden (ww.), terugloop (de ~ (m)), terugvallen (ww.), inzakken (ww.), kelderen (ww.), sterk in waarde dalen (ww.)Sinken ww.afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, ondergaan, zinken (bijv.nw. / bijw.), onder water gaan, opruimen, afdekken, afruimen, zakken, kelderen, bezinken, neergaan, lager worden, vergaan, ten onder gaanSynoniemen Toon alle 105 | Verberg NL: zakken (ww.), kelderen (ww.), zinkenNL: verstrekken (ww.), verdelen (ww.), uitreiken (ww.), distribueren (w...NL: voelen (ww.), ervaren, beleven (ww.), ondervinden (ww.), gewaarword...NL: aannemen (ww.), aantrekken (ww.), inhuren (ww.), in dienst nemen (w...NL: terugvallen (ww.), inzakken (ww.), kelderen (ww.), sterk in waarde ...NL: wegzinken (ww.), inzinken (ww.), terugvallen (ww.), inzakken (ww.),...NL: vallen (ww.), tuimelen (ww.), afname (de ~), daling (de ~ (v)), min...NL: wangedrag (het ~), misdraging (de ~ (v))NL: mislukking (de ~ (v)), flop (de ~ (m)), afgang (de ~ (m)), fiasco (...NL: gestuif (znw.), suizing (de ~ (v)), gesuis (het ~)NL: stellen (ww.), poneren (ww.), zetten (ww.), zetwerk (het ~), zetsel...NL: klacht (de ~), bezwaar (het ~), grief (de ~), het klagen (znw.), zi...NL: beleving (de ~ (v)), belevenis (de ~ (v))NL: aanhouden (ww.), volharding (de ~ (v)), vasthoudendheid (de ~ (v)),...NL: uitgeven (ww.), publiceren (ww.)NL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), verstrijken (ww.)NL: dekken (ww.), dakdekken (znw.)NL: aftrekken (ww.), distilleren (ww.)NL: verwijderen (ww.), wegnemen (ww.), afnemen (ww.), afstoffen (ww.), ...NL: beschermen (ww.), afdekken (ww.), afschermen (ww.), afschutten (ww....NL: beschermen (ww.), afdekken (ww.), afschermen (ww.)NL: huren (ww.), inhuren (ww.), in dienst nemen (ww.)NL: afnemen (ww.), achteruitgaan (ww.), verminderen in kracht (znw.)NL: krimp (de ~ (m)), krimping (de ~ (v))NL: verslapping (de ~ (v)), verflauwing (de ~ (v))NL: degraderen (ww.)NL: afbouwen (znw.)NL: dikke neus (znw.), grote neus (znw.), kokkerd (de ~ (m))NL: afname (de ~), val (de ~ (m)), daling (de ~ (v)), minder worden (ww...NL: afname (de ~), val (de ~ (m)), daling (de ~ (v)), minder worden (ww...NL: kopen (ww.), afname (de ~), aankoop (de ~ (m)), acquisitie (de ~ (v...NL: schommels (de ~)NL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), aftakelen, afzakken, afglijden, weggl...NL: vallen, teruglopen, inzakken, sterk afnemen, vervallen (bijv.nw. / ...NL: terugvallen, inzakken, kelderen, sterk in waarde dalenNL: vallen, onderuitgaan, op zijn bek gaan, ten val komen, afnemen, ach...NL: verlopen (bijv.nw. / bijw.), vervallen (bijv.nw. / bijw.), aflopen,...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, ondergaan, zin...NL: mislukken, falen, afgaan, mislopen, stranden, misgaan, floppen, ver...NL: ondergaan, zinken (bijv.nw. / bijw.), onder water gaan, uitzakken, ...NL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), aftakelen, afzakken, afglijden, weggl...NL: ondergaan, zinken (bijv.nw. / bijw.), onder water gaan, zakken, kel...NL: ondergaan, zinken (bijv.nw. / bijw.), onder water gaan, zakken, kel...NL: vallen, sterven, overlijden, doodgaan, wegvallen, omkomen, heengaan...NL: ondergaan, zinken (bijv.nw. / bijw.), onder water gaan, zakken, kel...NL: verminderen, verlagen, reduceren, afprijzen, ondergaan, zinken (bij...NL: neergaanNL: zakken, kelderenNL: varen, zeilen, zakken, kelderen, stevenenNL: zakken, kelderen, afdalen, naarbeneden glijden, eraf glijden, naar ...NL: zakken, kelderen, druppelen, druipen, sijpelen, droppen, afdruipen,...NL: sterven, overlijden, doodgaan, heengaan, verscheiden (bijv.nw. / bi...NL: zakken, kelderen, wegzakken, indommelen, indutten, insluimerenNL: zakken, kelderen, ruisen, suizen, suizelen, uitroepen, brullen, uit...NL: pakken, vangen, grijpen, vatten, klauwen, verstrikken, inpakken, ve...NL: zakken, kelderen, verzinken, galvaniserenNL: plaatsen, zetten, leggen, neerleggen, neerzetten, deponeren, statio...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, vernietigen, a...NL: eten, gebruiken, nuttigen, opeten, consumeren, verorberen, tot zich...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, verslinden, ve...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorlevenNL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, opmaken, verbr...NL: dragen, volhouden, verdragen, doorstaan, uithouden, harden, dulden,...NL: laten, toelaten, permitteren, lijden, verdragen, doorstaan, vertere...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, slagen voorNL: laten, toelaten, permitteren, verdragen, doorstaan, verteren, verdu...NL: dragen, volhouden, verdragen, doorstaan, uithouden, harden, dulden,...NL: dragen, volhouden, verdragen, doorstaan, uithouden, harden, dulden,...NL: dragen, volhouden, verdragen, doorstaan, uithouden, harden, dulden,...NL: voelen, ervaren (bijv.nw. / bijw.), beleven, ondervinden, gewaarwor...NL: eten, nuttigen, opeten, consumeren, vreten, schrokken, tegoed doen,...NL: verdragen, doorstaan, verteren, verduren, doorleven, aanhouden, voo...NL: afnemen, stelen, wegnemen, plunderen, ontnemen, pikken, toeëigenen...NL: dragen, volhouden, verdragen, doorstaan, uithouden, harden, dulden,...NL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), vergaan, verkommeren, bouwvallig word...NL: opruimen, afdekken, afruimen, opluchten, vermurwenNL: opruimen, afdekken, afruimenNL: leveren, lappen, flikken, iemand iets flikken, opruimen, afdekken, ...NL: verlossen, ontzetten, bevrijden van belegeraars, opruimen, afdekken...NL: opruimen, afdekken, afruimen, stelen, gappen, snaaien, wegpikken, w...NL: opruimen, afdekken, afruimen, egaliseren, gelijkmaken, effenen, gla...NL: kloppen, overeenstemmen, congruent zijn, opruimen, afdekken, afruimenNL: verwijderen, afnemen, verplaatsen, wegnemen, weghalen, wegwerken, l...NL: opruimen, afdekken, afruimen, opklaren, wolken verdwijnenNL: opruimen, afdekken, afruimen, bergen, uitverkopenNL: opruimen, afdekken, afruimen, klussen, klusje opknappen, verhelpenNL: inhouden, verrekenen, aftrekken, afhouden, in mindering brengen, ge...NL: vallen, teruglopen, inzakken, sterk afnemen, meenemen, ophalen, afh...NL: opruimen, afdekken, afruimen, dimmen, blinderenNL: behouden, beschermen, behoeden, in bescherming nemen, opruimen, afd...NL: afhalen, villen, stropen, uitbenen, afstropen, opruimen, afdekken, ...NL: afnemen, verminderen, verkleinen, krimpen, inkrimpen, slinken, mind...NL: meenemen, ophalen, afnemen, afhalen, wegnemen, weghalen, afleiden, ...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, samengaan, fuser...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declinerenNL: meenemen, ophalen, afnemen, afhalen, wegnemen, weghalen, stelen, pl...NL: afnemen, verminderen, vervallen (bijv.nw. / bijw.), dalen, teruggaa...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, inkorten, verkor...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, sparen, op bankr...NL: afnemen, verminderen, beperken, verlagen, krimpen, verkorten, reduc...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, verzwakken, afta...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, besparen, bezuin...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, omlaagbrengen, d...NL: meenemen, ophalen, afnemen, afhalen, wegnemen, weghalen, achteruitg...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, uitbuiten, explo... Voorbeeldzinnen en gezegdes DE: einem zu Füßen sinken
NL: aan iemands voeten neervallenDE: alle Hoffnung sinken lassen
NL: alle hoop laten varenDE: in Ohnmacht sinken
NL: in zwijm vallen
Landbouw en Voedselverwerking DE: sinken NL: zinken DE: wegsacken NL: ondergaan Definitie Duits: Untergehen eines schwimmenden Gegenstands.Definitie Nederlands: Het verdwijnen van een schip onder het wateroppervlak. Transport en Verkeer DE: Sinken NL: vergaan DE: sinken, wegsacken, untergehen NL: ondergaan, zinken Definitie Duits: Untergehen eines schwimmenden Gegenstands.Definitie Nederlands: Het verdwijnen van een schip onder het wateroppervlak.DE: Sinken, Schiffbruch NL: schipbreuk
| |