|
|
Vertaling van Schaukeln, DE>NL
Schaukeln die ~schommels (de ~)Schaukeln ww.leveren, lappen, flikken, iemand iets flikken, opruimen, afdekken, afruimen, golven, deinen, schommelen, slingeren, wiegen, wiebelen, heen en weer zwaaien, wiegelen, dobberen, laten hobbelenSynoniemen Toon alle 65 | Verberg DE: wogen (bijv.nw. bijw.) NL: golven (ww.), deinen (ww.), golvend, gegolfdNL: aannemen (ww.), aantrekken (ww.), inhuren (ww.), in dienst nemen (w...NL: twijfel (de ~ (m)), twijfeling (de ~ (v)), wisseling (de ~ (v)), wa...NL: gevolg (het ~), teweegbrengen (ww.), teweegbrenging (znw.)NL: geschal (het ~), geschetter (het ~), schetterend geluid (znw.), get...NL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), verstrijken (ww.)NL: dekken (ww.), dakdekken (znw.)NL: aftrekken (ww.), distilleren (ww.)NL: verwijderen (ww.), wegnemen (ww.), afnemen (ww.), afstoffen (ww.), ...NL: beschermen (ww.), afdekken (ww.), afschermen (ww.), afschutten (ww....NL: beschermen (ww.), afdekken (ww.), afschermen (ww.)NL: afname (de ~), val (de ~ (m)), daling (de ~ (v)), minder worden (ww...NL: vallen (ww.), tuimelen (ww.), afname (de ~), daling (de ~ (v)), min...NL: huren (ww.), inhuren (ww.), in dienst nemen (ww.)NL: stelen (ww.), pijlen (de ~), schachten (de ~)NL: schrokken (ww.), lussen (de ~)NL: golf (de ~), golfbeweging (de ~ (v)), undulatie (znw.), golving (de...NL: golven, deinen, zwaaien, wuiven, schommelen, wiegen, wiegelenNL: laten hobbelenNL: variëren, fluctueren, twijfelen, aarzelen, weifelen, dubben, talme...NL: maken, herstellen, repareren, goedmaken, rechtzetten, fiksen, lever...NL: leveren, lappen, flikken, iemand iets flikken, voor elkaar krijgen,...NL: leveren, lappen, flikken, iemand iets flikkenNL: maken, herstellen, repareren, goedmaken, rechtzetten, fiksen, regel...NL: leveren, lappen, flikken, iemand iets flikken, stoppen, afsluiten, ...NL: maken, produceren, vervaardigen, voortbrengen, fabriceren, leveren,...NL: schommelen, slingeren, wiegen, wiebelen, heen en weer zwaaienNL: golven, deinen, schommelen, slingeren, wiegen, wiebelen, heen en we...NL: golven, deinen, schommelen, slingeren, wiegen, wiebelen, heen en we...NL: draaien, wenden, zwenken, keren, omdraaien, ronddraaien, kolken, go...NL: golven, deinen, glippen, wegglippen, floepen, schommelen, slingeren...NL: vallen, flikkeren, kelderen, kiepen, tuimelen, kieperen, variëren,...NL: golven, deinen, zwaaien, slingeren, zwenken, heen en weer zwaaien, ...NL: variëren, fluctueren, aarzelen, dubben, talmen, weifelen, schommel...NL: golven, deinen, schommelen, slingeren, wiegen, wiebelen, heen en we...NL: golven, deinenNL: golven, deinen, zwaaien, met de hand groeten, wuiven, wenken, uitwu...NL: golven, deinen, stoten, hobbelen, schuddend op en neer gaanNL: golven, deinen, knallen, neerwerpen, omlaag werpen, naar beneden we...NL: neerleggen, onderuit halen, binnenkrijgen, opslokken, zwelgen, golv...NL: golven, deinen, glijden, glippen, glibberen, roetsjen, slippen, uit...NL: opstijgen, omhoogkomen, opvliegen, bouwen, construeren, golven, deinenNL: golven, deinen, rondvliegen, omheenvliegenNL: veranderen, wijzigen, afwisselen, herzien, verwisselen, wapperen, f...NL: golven, deinen, pendelen, reizen tussen, slingeren, bengelen, ronds...NL: opruimen, afdekken, afruimen, opluchten, vermurwenNL: opruimen, afdekken, afruimenNL: vervallen (bijv.nw. / bijw.), vergaan, verkommeren, bouwvallig word...NL: verlossen, ontzetten, bevrijden van belegeraars, opruimen, afdekken...NL: opruimen, afdekken, afruimen, egaliseren, gelijkmaken, effenen, gla...NL: opruimen, afdekken, afruimen, stelen, gappen, snaaien, wegpikken, w...NL: kloppen, overeenstemmen, congruent zijn, opruimen, afdekken, afruimenNL: verwijderen, afnemen, verplaatsen, wegnemen, weghalen, wegwerken, l...NL: opruimen, afdekken, afruimen, klussen, klusje opknappen, verhelpenNL: opruimen, afdekken, afruimen, opklaren, wolken verdwijnenNL: opruimen, afdekken, afruimen, bergen, uitverkopenNL: inhouden, verrekenen, aftrekken, afhouden, in mindering brengen, ge...NL: vallen, teruglopen, inzakken, sterk afnemen, meenemen, ophalen, afh...NL: opruimen, afdekken, afruimen, dimmen, blinderenNL: behouden, beschermen, behoeden, in bescherming nemen, opruimen, afd...NL: afhalen, villen, stropen, uitbenen, afstropen, opruimen, afdekken, ...NL: afnemen, verminderen, verkleinen, krimpen, inkrimpen, slinken, mind...NL: afnemen, achteruitgaan, minder worden, declineren, verdragen, doors...NL: vallen, onderuitgaan, op zijn bek gaan, ten val komen, afnemen, ach...NL: meenemen, ophalen, afnemen, afhalen, wegnemen, weghalen, afleiden, ... Voorbeeldzinnen en gezegdes DE: wir werden das Kind schon schaukeln
NL: wij zullen dat varkentje wel wassen In de praktijk: DE: Schaukeln, Wippen NL: schommels
| |